Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zonder het te bemerken. Een geweldige golf kwam aan, als een muur van water en vol angst bad ik tot God om hulp. Maar deze golf pakte mij op en wierp mij terug naar de kust. Ik dacht, dat ik niet meer terug kon keeren. Ik was bevreesd in deze golf te verdrinken. Maar in plaats van mij te dooden, bracht de golf mij veilig terug naar het strand. Zoo ook doet het lijden.

Op een mijner reizen zag ik een herder, die zijn kudde over een rivier moest brengen. Het ging alles goed op één koe na, die een kalf had en die onwillig was om de rivier over te steken. De herder probeerde het op allerlei manieren. Hij sloeg de koe zoo hard hij kon, maar dat hielp niets. Hij hield haar wat hooi voor en probeerde met zachtheid haar te lokken, maar ook dat bleef zonder gevolg. Toen zeide ik hem: "Breng het kalf over en de koe zal wel volgen." Dat deed hij, hij nam het kalf en zette dat over en de koe volgde van zelf. Evenzoo, wanneer wij onwillig zijn om tot God te komen, scheidt Hij ons wel eens van hen, die ons dierbaar zijn en neemt ze tot Zich. Zoo worden wij dan begeerig gemaakt om die hemelsche gewèsten, waar onze geliefden zijn, te betreden en wij beginnen onszelf gereed te maken, om daar te komen.

Het zichzelf verloochenen illustreert hij als volgt:

De Heiland zegt, dat wij het zout der aarde zijn. Maar alleen wanneer het zout zich oplost kan het zijn smaak aan andere dingen geven. Stel dat wij het zout in een pot met kokende rijst werpen, wat nut heeft dat, wanneer dat zout onopgelost blijft. Maar wanneer het smelt, verspreidt de smaak zich door al de korrels rijst. Hoewel onzichtbaar verraadt het zijne tegenwoordigheid door de smaak. Doordat het zich opgelost heeft, heeft het duizenden rijstkorrels smakelijk gemaakt. Ook wij kunnen alleen anderen helpen, door onszelven te verliezen. Anders worden wij evenals de vrouw van L,oth, zoutpilaren tengevolge van onze wereldliefde. Wat is het nut van zout, dat zich niet oplost?

Steenkool is zwart, wij kunnen die zwartheid niet wegnemen. Al gebruikt gij honderd pond zeep, gij zult de steenkool niet wit maken. Maar werp hem in het vuur en de zwartheid verdwijnt en hij verspreidt helder schijnend licht.

Sluiten