Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

karakter van den hulpprediker niet verschilt van dat van den zendeling; dat geen personen voor het eerstgenoemde ambt te gebruiken zijn, die niet iu hun hart zendelingen zijn en zich als zoodanig geroepen weten. De Regeering erkende hare verplichting om in de kosten van dezen dienst te voorzien, en wij zijn en blijven haar daarvoor erkentelijk.

Op deze wijze heeft zich het veld voor de Evangelieverbreiding, dat wij hier boven omschreven, verruimd. Thans zijn reeeds hulppredikers geplaatst, behalve in de Minahassa, op de Ambonsche eilanden, op Timor en Rotti, op Ceram, op enkele van de Zuidwestereilanden, op Batjan, en is het uitzicht geopend, dat aan de bevolkingen van nog verscheidene andere eilanden het Evangelie verkondigd zal worden. Thans wordt gezorgd voor de opleiding van Inlandsche hulppredikers, die zoo uitnemend geschikt zijn, om, onder toezicht van Europeesche hulppredikers, van de liefde van Christus te getuigen onder land- en stamgenooten.

Behoeven wij meer aan te voeren, om bij allen, die den Heer lief hebben, de overtuiging te vestigen, dat de tijden rijp worden, om krachtiger dan ooit mede te werken aan de zending? En zal, waar die overtuiging heerscht, niet worden ingezien, dat broederlijke samenwerking eene voorname voorwaarde is tot welslagen?

Och! dat de liefde van Christus ons dringe alle nog bestaande hinderpalen en steenen des aanstoots aan eene zijde te zetten! Wij worden geroepen, als discipelen van Jezus Christus, gevolg te geven aan zijn gebod »Predikt het Evangelie allen creaturen." Als Nederlandsche Protestantsche christenen wordt ons als akker aangewezen Nederlandsch Indiëi Zullen wij opgewassen zijn tegen deze taak, als niet onder ons leeft een ander gebod van onzen Heer en Heiland: »Dit is mijn gebod, dat gij elkander lief hebt, gelijkerwijs ik u lief gehad heb!, Blijft in deze mijne liefde"?

Sluiten