Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2. De geloofsbelijdenis van eene Hindoesche christin.

In een Amerikaansch tijdschrift komt het volgende voor omtrent de geloofsbelijdenis van eene Hindoesche dame, die Amerika bezocht en zich gereed maakte naar Indië terug te keeren, om daar vrouwen en meisjes uit de aanzienlijkste standen te onderwijzen. Toen haar gevraagd werd tot welk christelijk kerkgenootschap zij behoorde, luidde haar antwoord:

»Ik behoor tot de algemeene kerk van Christus. Ik ontmoet goede Baptisten, Methodisten, Episcopalen en Presbyterianen, en ieder van hen heeft een eenigszins ander gevoelen over den Bijbel. Daarom vind ik het best, dien zelve te onderzoeken, en zooveel mij mogelijk is, het beste er in te vinden. En daar vind ik dan Christus, den Zaligmaker der wereld, en Hem schenk ik mijn hart. Ik werd gedoopt toen ik in Engeland was, en ik neem deel aan het avondmaal met alle christenen, die mij daarbij willen toelaten. Ik heb mij bij geen kerkgenootschap aangesloten, want ik wensch naar Indië terug te keeren eenvoudig als christin. Voor mijn gemoed zijn het Nieuwe Testament en bjjzonder de woorden van onzen Zaligmaker eene genoegzaam ontwikkelde geloofsbelijdenis. Ik geloof, zoo als de Zaligmaker ons geleerd heeft; en Zijne boodschap, zoo als zij ons door Johannes is overgeleverd, luidt, dat God is Geest, dat Hij is licht en liefde; in Zijne drievuldige natuur schept, verlicht en doordringt hij het Heelal; ik geloof, dat Jezus, Zijn Zoon en dienaar, de Apostel onzer belijdenis, door Hem gezonden werd als onze Zaligmaker en de overste leidsman Zijner kinderen; dat allen, die in Hem gelooven het recht hebben, kinderen Gods te zijn, en dat de Heilige Geest onze leidsman en trooster, de groote gave Gods door Christus is; dat er maar ééne kerk is, en dat allen, die Christus belijden als hun' Zaligmaker, leden zjjn van die kerk. Ik geloof, dat alles wat ik voor mijne zaligheid noodig heb, mij gegeven zal worden, en ik bid God vurig, dat Hij mij de genade verleene, de waarheid te zoeken en te betrachten en Zijnen wil te doen ... Ik ben eenvoudig eene Christin, en het Nieuwe Testament leert mij mijnen godsdienst."

Ziedaar een der vormen, waarin de nadenkende christen uit de heidenen het Evangelie belijdt. Een Kesjüb Chunder Senn , de bekende Hindoe, die Christus beleed en toch geen christen wilde worden, deed zulks weêr op andere wijze. Hoe wy nu overigens over zulke belijdenissen denken, wij mogen als christenen ons verheugen, dat de Evangelieprediking zulke vruchten kan dragen. Men bedenke, dat hier eigen onderzoek tot nadenken geleid heeft, en dat de be-

Sluiten