Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

algemeen mag de toestand dier gemeenten bevredigend genoemd worden. Het gedurig bezoek deed mij met die gemeenten meeleven en in al haar lief en leed deelen. Vele malen moest ik mij dan ook wel met zaken van geheel wereldschen aard bemoeien. In zich pas ontwikkelende gemeenten, als die in Kediri, treedt de zendeling op als vader, niet alleen in geestelijken, maar ook in maatschappelijkeo en huiselijken zin."

De medehelpers bleven allen gespaard, een ieder in zijn' eigen kring. Om de twee maanden vereenigen zij zich gedurende eenige dagen bij den zendeling tot het ontvangen van onderwijs en het bespreken van verschillende aangelegenheden.

Meer en meer belangrijk worden de viermaandelijksche kerkeraadsvergaderingen, thans in het Javaansch Rad-grédjö genoemd. Zij worden bijgewoond door Medehelpers, Ouderlingen en Diakenen van de verschillende gemeenten. //Zij zijn," schrijft Poensen, //v oor ons nog altijd even aaDgename als nuttige bijeenkomsten, wier besluiten door de gemeenten met zekere piëteit ontvangen en opgevolgd worden. Voor den zendeling zijn zij een belangrijke steun, als hjj eenig plan ten uitvoer wenscht gebracht te zien. Was het vroeger altijd, dat hij dit of dat verlangde, nu is het: Rad-grédjö heeft dit of dat besloten, na rjjp beraad. Natuurlijk brengt de zendeling in den regel geen voorstel ter sprake, of hij heeft er vooraf de Medehelpers afzonderlijk over gehoord. Hjj heeft er echter ook wel eens zijne redenen voor, hen niet te voren te raadplegen, even als hij bijna nooit weet, welke voorstellen de leden ter vergadering zullen doen. Hjj leidt natuurlijk de bespreking in die bijeenkomsten. Hij ziet altijd gaarne, dat ook de christelijke desa-hoofden daaraan deel nemen, daar zij in zoo menige zaak gekend moeten worden. De eerste van deze vergaderingen had plaats op den 18den October 1884, de 10de werd den 15den October 1887 gehouden." Gaarne deelden wij hier een en ander van het daar besprokene mede; wij moeten, om niet te uitvoerig te worden, ons daarvan onthouden, om zulks later te doen in onze Maandberichten en Mededeelingen.

De zending in Kediri telde, ult°. 1887, 1051 zielen; die in Madioen 122; gedoopt werden 67, en van dezen 19 volwassenen; door 8 personen werd belijdenis des geloofs afgelegd; 18 huwelijken werden gesloten, 1 werd ontbonden. In de vier scholen waren 102 leerlingen (74 jongens en 28 meisjes).

Het getal medehelpers bedroeg 11, dat der onderwijzers 4.

De zendeling besluit zyn verslag met de woorden: »Moge de