Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wij twee vrouwen, die het er maar niet over eens konden worden, of de njora een man dan wel eene vrouw zou zijn. Wij hadden erge pret over haar geschil. Wij hadden eene goede reis, alleen kwamen wij doornat aan. Onderweg hadden wij bijna een ongeluk. Een koeli zou haast in een diep ravijn gevallen zijn. De kist, die hij droeg, ging de diepte in; hij hield zich gelukkig vast, zoodat hij met den schrik vrij kwam. - Mijne vrouw was erg moê, toen wij aankwamen. De penghoeloe was erg in zijn schik met de komst van de njora, wat ons zeer verheugde.

Ik vroeg aan den penghoeloe, hoe het met onze woning zou moeten gaan. Hij zeide, dat dit wel terecht zou komen. Wij mochten in zijn huis wonen, zoolang ons huis nog niet gereed zou zijn. Tan huur wilde hij niet weten.

3. Br. de Munnik.

Den 26 steD der vorige maand hebben Br. de Munnik en zijne Echtgenoot de reis naar Indië aanvaard. Zij gingen te Marseille scheep op het stoomschip //Brömo".

Onze Broeder zal eenigen tijd te Mödjö-warnö verblijven, ter bijzondere voorbereiding voor de taak, die hij op Java zal te vervullen hebben. Hij zal daar zijne hulp verleenen bij de ziekenbehandeling en intusschen zich ernstig toeleggen op de studie van het Javaansch en op den omgang met de Inlandsche bevolking, om later een' eigen werkkring te aanvaarden. Met Br. en Zr. de Munnik vertrok Mej. Christine, de jongste dochter van Br. J. Kruijt. Hier moge herinnerd worden, dat terwijl de zonen hunne opvoeding ontvingen in het Zendelinghuis, de vier gezusters ze genoten te 's Gravenhage in het ouderlijke huis, eerst onder leiding van grootmoeder Kruijt, de zoo wel bekende vriendin van ons Genootschap, later onder die van Tante N., niet minder ijverig in het behartigen van zijne belangen.

Mogen onze reizigers eene voorspoedige reis hebben! Wij bevelen hen aan in Gods vaderhoede.

4. De Meisjes kost- en dagschool voor dochtertjes van Inlandsche hoofden en aanzienlijken te Tomohon (Minahassa).

Deze school, gesticht door ons Genootschap, doch weldra opgedragen aan eene bijzondere Yereeniging, blijft voortdurend de belangstelling van ons Bestuur gaande houden. In Br. Francken heeft de Vereeniging haren trouwen, zorgzamen Penningmeester verloren. Tot dat zijn opvolger gevonden zal zijn heeft Br. Roskes zich belast met de waarneming van die betrekking. De Secretaris zag zich genood-

Sluiten