Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De familie van het kindje is ons veel beter gezind geworden; vroeger hield zij zich steeds op een afstand. De grootmoeder van vaderskant komt geregeld iederen dag kijken, zij wascht dan de luiers en praat een oogenblik met haar kleinkind. Het oudje is wonderwel in haar schik. Eerst wilden wij een paar meisjes voor het bruine broertje in huis hebben. Maar daaraan was nog geen denken. Ook de familie wilde geen nichtje of eene kleine tante geven. Eén, 't wicht mocht dan nog zoo klein en hulpbehoevend zijn, was al mooi genoeg, dacht men, nog een tweede tot hulp er bij, neen dat kon niet. De grootmoeder houdt zich goed, met lust en liefde schijnt zij haar dagelijksch werk voor den kleine te doen.

//Wij hopen en bidden God, dat dit kind in leven mag blijven en opgroeien tot een man. Moge hij dan iets worden voor het Godsrijk onder zijn volk, dan zullen wij ons rijkelijk beloond achten."En

deze Broeder, die zoo schreef, is ons ontvallen! Hoe ondoorgrondelijk zijn Gods wegen!

3. Wat staat ons thans te doen voor de zending in Deli ?

Het beantwoorden van deze vraag duldde geen uitstel. Wijngaarden was begonnen aan het werk eene gestalte te geven. Hij vond ingang bij de hoofden. De bevolking was hem genegen. Zij leerde prijs stellen op zijne geneeskundige behandeling. De Minahassische goeroes wisten zich reeds van de volkstaal te bedienen om het Evangelie te verkondigen, en deden dit, blijkens hunne aanteekeningen, op zeer gepaste wijze. Het was Wijngaarden gelukt op een viertal plaatsen schooltjes te openen; doch nog waren de Inlanders niet bereid hunne kinderen daarheen te zenden. Het zou hem gelukt zijn hen daartoe te bewegen. En op eens wordt die arbeid gestremd door zijn overlijden. Hoe licht zou die aanmerkelijk verachteren, zoo niet te gronde gaan als het geruimen tijd aan een leidsman bleef ontbreken!

Dat spoedige voorziening vereischt werd moest iedereen blijken. Hier konden Bestuurders niet den tijd afwachten, dat een van 's Genootschaps kweekelingen ter afvaardiging gereed zou zijn hetgeen minstens nog een jaar zou duren. Een kloek besluit werd gevorderd, en reeds den 24" 1 " September kwam daartoe de Maandvergadering aan den avond van dien dag. Zij zou afscheid nemen van Br. Joustra, gereed om den volgenden Zaterdag, den 29""",

Sluiten