Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

April 1897. M 4.

MAANDBERICHT

van" het

Nederlandsche Zendelinggenootschap.

(Gesticht in 1797.)

99ste Jaargang.

INHOUD.

1. Van Posso naar Mödjö-warnö. Reisverhaal van Br. A. C. Kruijt. — 2. Misverstand. — 3. Drie en twintigste Jaarverslag der KwartguldenVereeniging. — 4. Agenten. — 5. Corrigendum. — 6. Mededeel ingen. — 7. Adressen. — 8. 1797-1897 Feestgaven. — 9. Pinkstercollecten, bijdragen van Hulpgenootschappen, Giften en Legaten.

1. Van Posso naar Mödjö-warnö.

Reisverhaal van Br. A. C. KRUIJT.

Geen boog kan altijd gespannen staan. En daarom gaven Bestuurders van het Nederlandsche Zendelinggenootschap aan onzen ijverigen Zendeling, wiens naam hier boven staat, verlof om zijn moeielijken en eentoonigen arbeid in liet afgelegen Posso voor eenigen tijd aan de trouwe zorgen van zijn vriend Dr. A driani , den aldaar naast hem geplaatsten afgevaardigde van het Nederlandsche Bijbelgenootschap, over te laten en met eclitgenoote en kinderen een bezoek te brengen aan zijn hooggeachten Vader en verdere familie te Mödjö-warnö. (1)

Van de reis daarheen en de onderscheiden plaatsen onderweg door hem bezocht; van verschillende ontmoetingen, die hij had en toestanden, die bij aanschouwde, gaf hij verslag aan Bestuurders in een schrijven van 16 September 1896 uit Mödjö-warnö. En dat reisverhaal bevat zoovele belangwekkende mededeelingen en is zoo levendig gesteld, dat het ongetwijfeld allen, die belang stellen in het arbeidsveld waarop onze zendelingen werken, en in den persoon van Br. A. C. K ruijt, genoegen zal doen daarmee in kennis gesteld te worden. In

(1) Bovendien moest Br. Kruijt zich van Posso verwijderen wegens de aanstaande bevalling van zijn echtgenoote, die sedert voorspoedig plaats vond (zie Maandbericht van Januari). Red.

4.

Sluiten