Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te mogen stellen, van den afgeloopen tijdkring niet zóóveel profiteerde als het had gehoopt. Maar ook vindt die klacht wel eens haar oorzaak in dat pijnlijke en toch zoo noodzakelijke besef van tekortkomingen, het gevoel van zooveel, dat gedaan had kunnen en dus ook had moeten worden, maar dat niet gedaan is; zooveel, dat anders behoorde te wezen dan het is, en dat wij zouden willen verbeteren.

In dezen zin zou het Nederlandsche Zendelinggenootschap, vertegenwoordigd als het is in zijn Bestuurders, ook wel hebben willen verlengen die eeuw, die nu onherroepelijk voorbij is. Wij hadden zooveel meer willen doen, zooveel meer kunnen doen in die honderd jaren. En als wij het onverbiddelijk bevel vernemen: zeg hun dat zij voorttrekken; als wij in het besef van zooveel tekortkomingen, met een forschen greep ons van dat zondige verleden, dat ons den moed ontrooft, moeten losmaken, en, vergetende hetgeen achter ons is, ons moeten uitstrekken naar hetgeen voor ons is, zeker dan luisteren wij naar dat bevel, maar wij hebben nog eens de pijnlijke ervaring opgedaan, dat eens menschen leven vol is van teleurstellingen, teleurstellingen allermeest over het eigen ik.

Zeg hun dat zij voorttrekken. In zekeren zin behoeft dit ons niet gezegd te worden. Wij kunnen nu eenmaal niet stilstaan op den levensweg. Voor wij het weten is de nieuwe tijdkring reeds aangebroken, en hij zal oin zijn, als wij meenen nog halverwege te staan. En nu roept men ons toe, dat wij ook niet moeten trachten stil te staan en te mijmeren, dat wij de dingen maar moeten nemen zooals ze zijn, door de eischen van het heden ons laten in beslag nemen. Het verleden, dat is nu tóch eenmaal onherroepelijk voorbij ; en de toekomst, nu ja. die ontsnapt toch aan onzen blik ; daarom laat ons leven voor het heden, doende wat onze hand vindt om te doen; trek voorwaarts, niet achter noch voor u ziende.

En toch kunnen wij als geloovigen, en ons Genootschap wil een vergadering zijn van de zoodanigen, ons niet op deze wijze laten verzoenen met het tot ons komende bevel. Wij hebben velerlei bezwaren tegen zoodanige redeneering; laat ons dit eene noemen: een zoodanige opvatting versnippert ons leven. Als menschen willen wij eenheid in ons bestaan. Wij willen met de lessen van het verleden in hoofd en hart,-de toekomst

Sluiten