Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geofferd. Een handige Batak had hem opgerookt! „Zij smaakte best 11 , werd er bijgevoegd

Nu is het wegnemen van een offergave als zoodanig geen kwaad. De geesten worden gezegd alleen de fijne essence te genieten, de rest is van geen waarde! Toch getuigt het van weinig eerbied als men zoo over hen spreekt. Het zal wel niet de Bataks gaan als met vele Javanen, die desalniettemin blijven offeren, uitgaande van het beginsel: „Baat het niet, het schaadt niet!"

Goeroe Pinontoan ontving ons recht hartelijk. De vlag was uitgestoken, en een ruiker prijkte, ons ter eere, in een glas. Ook had de njora voor een compleet ontbijt voor ons gezorgd, en voor rijst voor onze volgelingen.

Dan, helaas, van den zendingarbeid zag ik niets. De school was verloopen, tengevolge van een feest ter eere van het tandenvijlen van eenige jongelingen, waaronder ook de broeder van den penghoeloe van Sibolangit. Vier van de trouwste leerlingen der school hadden mede de operatie ondergaan.

„Daar zitten ze", zeide de goeroe, „maar op het oogenblik is er met hen niets te beginnen!" En ja, daar zaten ze. en het was treurig ze aan te zien, die verminkte tanden, dat gezwollen tandvleesch, die dikke lippen. Waarlijk er behoort moed toe, om zich zoo te laten pijnigen! Maar wat het treurigste is, bij zoo^i gelegenheid wordt het volk als door razernij aangegrepen, en dag aan dag wordt er gespeeld, soms een maand en langer achtereen. Men houdt niet op. De toegangswegen tot de kampong worden verbeterd, 0111 toch maar veel volk te trekken van buiten, en het spel gaat voort, dag aan dag, totdat men er beu van is en - dan bloedt zoo 1 !! feest dood.

Misschien zou men het niet zoo lang uithouden, wanneer de penghoeloe er geen belang bij had, dat er veel gespeeld wordt. A an eiken dollar toch die verspeeld wordt, ontvangt de penghoeloe 10 cent, zoowel van den winner als van den verliezer. Geen onaardige bijverdienste dus.

Door zulke feesten nu wordt de moeitevoile arbeid van maanden teniet gedaan. Het kuddeke schooljongens slinkt tot enkele getrouwen, en naar de prediking des Evangelie 1 » luistert niemand. En als de razernij heeft uitgewoed, kost het verbazende inspanning om de menschen weer te trekken. En zijn de jongens eenmaal het schoolgaan ontwend, komen ze niet licht weer terug!

Op weg naar Tandjoeng Bëringin had ik een klein avontuur. Het was bij de laatste zeer steile daling. Br. Joustua was met Si Keling mij een heel eind voor. Ik volgde, door goeroe Pesik van Tandjoeng Bëringin geholpen, en achter mij kwamen successievelijk Si Noean, goeroe Wenas en de dragers.

Sluiten