Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den binnenkant: „Gij zijt de tempel Gods." De voorgalerij van de kerk werd door de vrouwen versierd. De kapellen ot kleine kerkjes in de kampongs werden feestelijk getooid: men dacht aan afzonderlijke samenkomsten met zusters uit den vreemde. Alles ging uit van de vrouwen. Ik heb mij niet het minst met de toebereidselen bemoeid.

In den namiddag van 13 Juli kwamen de vertegenwoordigsters van de vrouwenvereenigingen in de filiaalgemeenten van alle kanten Tondano binnen. Zij werden aan de ingangen van de negeri door vrouwen van Tondano opgewacht, hartelijk ontvangen, en naar haar logies geleid. In elke kampong waren gasten. Men kan zich eenigszins voorstellen, welke aangename drukte overal heerschte. De vrouwen zijn spraakzaam. Oude kennissen en vriendinnen ontmoetten elkander na langen tijd weder. Er was over en weêr te vragen en te vertellen. Maar vooral had men het over de Vrouwenvereenigingen: haar ontstaan, haren toestand, haar doel, haren zegen, enz. Het was eene kostelijke voorbereiding voor den volgenden dag.

Den 14 eli Juli zou de feestelijke viering van den dag ten 9 ure beginnen. Reeds vroeg togen scharen van vrouwen naar de kérk. Daar waren mannen aangesteld, om de plaatsing der vrouwen te regelen naar een vooraf beraamd plan. Geheele vakken werden ingenomen door leden van eenige vrouwenvereenigingen. Vrouwen, die geen lid waren van eene vereeniging, kregen afgezonderde plaatsen. Voor mannen werden ook plaatsen bepaald. Want er kwamen ook belangstellende mannen; betrekkelijk niet veel, - de grootte der gemeente in aanmerking genomen. Eene menigte fluitisten was present ; of dat geheel vrijwillig was, of op verzoek van de vrouwen, is mij niet duidelijk geworden. - Zij luisterden door hun fluitspel het feest op.

Het was een zeer bijzonder en eigenaardig gezicht, die uitgebreide vrouwenschaar in onze groote kerk. Men telde tot over de duizend vrouwen, die leden van vereenigingen zijn. Buitendien waren er velen; ons groot en ruim kerkgebouw was nagenoeg geheel gevuld met dicht op elkaar gezeten feestelingen. Na het voorwoord en den voorzang las ik een groot deel van l'salm 103. Daarna ging ik de menigte voor in dank- en lofzegging, in gebed en smeeking en sprak toen een opwekkend woord.

Sluiten