Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vangt: /'Mijne genade is u genoeg, want Mijne kracht wordt in zwakheid volbracht". Welnu, dat woord hebben ook wij vernomen. Er komt nu eenmaal op aarde niets goeds zonder lijden tot stand, en als wij dat bedenken dan is het ons goed, dat ons jubeljaar niet uitsluitend van goede dingen heeft te getuigen. Het heeft ons ook ernstige, diep beschamende lessen gebracht, die wij willen ter harte nemen met de zekerheid, dat dengenen die God liefhebben, alle dingen medewerken ten goede.

En dan mogen wij dankbaar erkennen, dat dat jubeljaar ook ontzachelijk veel goeds ons heeft gebracht: zegeningen, waarvan wij door de tegenstelling, waarin ze staan tegenover de bovengenoemde beproevingen, des te sterker gevoelen, dat zij gaven waren van een God, Die ons niet deed naar onze zonden. De dagen van 14 tot 16 Juli 1897 liggen zeker nog versch in het geheugen van elkeen, die ze heeft medegemaakt, en wij gelooven te mogen zeggen, dat zij een gunstigen indruk hebben achtergelaten. Het was een aangenaam, en toch tegelijkertijd gewijd samenzijn. Wij waren verheugd, maar met de blijdschap, die uit God is; op dit alles heeft zeer zeker zegen gerust. Wij betuigen hier nogmaals onzen warmen dank aan elkeen, die, in meerdere of mindere mate, tot het welslagen van dit feest heeft medegewerkt.

Ingevolge het besluit der vorige jaarvergadering werd een circulaire gericht aan Bestuurders en Afdeelingen, die een opwekking bevatte om in eigen kring den Stichtingsdag des Genootschaps feestelijk te herdenken. Het is ons nog niet bekend of deze opwekking allerwege het gewenschte gevolg heeft gehad, maar op vele plaatsen was dat zeker het geval. Zoo zijn b.v. te Amsterdam, 's-Gravenhage, Delft en Botterdam, uitnemend geslaagde samenkomsten gehouden. Van andere plaatsen bleek het ons door ingekomen collecten, dat men ook daar niet stil heeft gezeten. En dat in het algemeen gesproken de 19" December 1897 in ons vaderland niet onopgemerkt is voorbijgegaan, dat is zeker wel het duidelijkst gebleken uit de eervolle onderscheiding, die onze geëerbiedigde KoninginEegentes den Voorzitter en Vice-Voorzitter van ons Genootschap deed toekomen. Wij zijn hartelijk dankbaar voor deze zoo welverdiende hulde, gebracht aan twee mannen, die jaren lang met groote toewijding en liefde de belangen des Genootschap- hebben gediend. God spare hen nog geruitnen tijd voor ons werk!

Eenige dagen vóór dien negentienden December verscheen het //Gedenkboek, uitgegeven ter gelegenheid van het honderdjarig bestaan van het Nederlandsche Zendelinggenootschap", als een waardig

Sluiten