Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn eerste bezoek als Messias in Jeruzalem, bij Zijn onderwijs op het //feest der Joden", Joh. V geheel lezende, Zijn arbeid in Galilea voornamelijk ter vorming van Zijne discipelen, Zijn optreden op het Loofhuttenfeest en het feest der vernieuwing van den tempel, - op nieuw onze aandacht wijdende aan Joh. VII-X. Daarna Jezus aandoenlijke zwerftochten in het Overjordaansche en de ontzettende geschiedenis van de opwekking van Lazarus op zijne uitdrukkelijke bede. Dit laatste was de vorige maal uiteengezet en behandeld. Als naar gewoonte hadden velen, voor het meerendeel de jongeren, een opstel over het toen besprokene gemaakt. Door vijf liet ik achtereenvolgens de vijf gedeelten, waarin zich mijn onderwijs gesplitst had, voorlezen. Ik kan niet anders zeggen, dan dat al wat gehoord werd, zeer goed was. Aldus weder op de hoogte gebracht, gingen wij voort met de lezing van Luk. XVIII: 15-34 en Matth. XX: 20—28, vgl. Mark. X : 35-45, zijnde: Jezus zegent de kinderen, de rijke jongeling en het ouderwijs aan de discipelen, dat daarop volgde, Jezus nadere aankondiging van Zijn lijden en de aandoenlijke bede van Salomé voor hare zonen.

Ik zal hier niet vermelden de blikken, die de Heer ons gaf te slaan in Zijne zachtmoedigheid en nederbuigende liefde, in zijne wijsheid en standvastigheid, Zijn zoo oneindig ver reikenden blik in de toekomst en 't geduld, waarmede Hij de zijnen, die zoo spoedig Zijne zoo hooge en verhevene plaats zouden moeten innemen, - gelijk wij thans, - trachtte te zuiveren van misvatting en den geheel eenigen weg ten leven door 't geloof en ook dientengevolge der geheele toewijding aan te wijzen. Ik doelde er reeds op bij den aanvang. De Heer geve slechts, dat ons samenzijn voor mij noch de medehelpers te vergeefs geweest zij.

Het is de gewoonte, dat zij, die van buiten komen, zich 's Maandags, na 's Zondags de gemeenten bediend te hebben, van huis begeven. Ook de verst verwijderden, dank de tegenwoordige spoor- en tramwegen, komen denzelfden dag hier aan. Zij blijven daarop tot Zaterdagmorgen, zoodat zij den volgenden dag weder voor hunne gemeenten kunnen optreden.

Dagelijks wordt twee malen, gedurende twee uren, van 's morgens 8—10 en 's middags van 4—6 uur, onderwijs gegeven. Van 11—2 uur kunnen allen, die het wenschen, het onderwijs in de scholen te Miidja-warna bijwonen.

Namens ons ontvangt Sinah, de Weduwe van wijlen onzen onvergetelijken Bernardus, de medehelpers van buiten ten harent. Naar de Javaansche zeden en gewoonten zou het niet passend zijn, als zij elders vertoefden of hunne maaltijden gebruikten.

Donderdagavond van 7-8 uur werd weleer eene catechisatie voor lidmaten gehouden. Door toenemende opkomst is deze, reeds sedert vele jaren, in een bijbellezing in de kerk veranderd. Bij het samenzijn der medehelpers gaat daarbij immer een van de voorgangers voor. Is hij een van de dunnende, oude garde, b.v. Soeleman, zoo mag men er zich op voorbereiden, op vele echt Javaansche zaken onthaald te zullen worden. Bij goede gelegenheid zou ik er weieens eene proeve van kunnen geven. Deze maal had Warna Pak Mastaka,

Sluiten