Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1833. IV. 2.

MAANDBERIGT

VAN HET

NEDERLANDSCHE ! ZENDELINGGENOOTSCHAP,

betrekkelijk de uitbreiding van bel christendom , bijzonder onder de

HEIDENEN.

GROOTE OOST.

Uit de onlangs uit Oost-iudiè ontvangen berigten van eenigen onzer Zendelingen, deelen wij het volgende mede.

Broeder j. finn op Bauda schrijft, in dato 22 Maart 183a:

„ Zoo is dan weder een gewenscht tijdstip gekomen , dat ik eenige regelen naar het Zendelinggenootschap in mijn dierbaar vaderland kan afzenden. Ik hoop, dat bij ontvangst van dit berigt de omstandigheden des Vaderlands zich ten beste mogen gewend hebben, tot zegen en blijdschap van onzen geëerbiedigden, werkzamen en regtvaardigen Koning èn van alle zijne onderdanen. Daartoe moge

Sluiten