Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geest met de vrienden des genootschaps in het Vaderland, het belangrijke berigt van broeder gutzlaff lezende, en daardoor opgewekt, gevoelde ik meer dan ooit den aandrang mijns harten, om aan de Heidenen het dierbare Evangelie te mogen verkongen. Ofschoon mij nog vele zwarigheden wachten, zal echter de Almagtige Jezus zegepralen. Heeft niet de Leeuw uit Juda's stam over duizenden gezegevierd, die met een gerust en door het bloed des Kruises gereinigd geweten, de eeuwigheid zijn ingegaan ? Zal Hij ook niet over de Ambonezen zegevieren? (i) Hem is alle magt gegeven, en waar Hij zijnen Geest uitstort, daar worden de dorre beenderen levend, daar zegepraalt het licht over de duisternis, daar komen de Heidenen en zien in zijn licht het licht. De vurigste begeerte mijns harten is, dat Christus, de Vorst des levens, heersclie en zijne kennis de aarde bedekke, als' de wateren den bodem der zee. Daartoe stijgen heden duizende gebeden in alle werelddeelen tot God ten hemel. Daartoe vereenigen zich heden de ware vrienden van Jezus en smeeken: „ Uw Koningrijk kome!" Daartoe zijn ook wij uitgezonden, en werken reeds velen van mijne broeders. Velen planteden en gingen zonder vrucht te mogen zien naar hun eeuwig huis; velen maakten nat en zagen de eerste kiemen in veler harten; anderen werden verheugd door de heerlijke vrucht en maaiden zonder ophouden, terwijl nog anderen weenden, en den geheelen dag treurig daarheen gingen. Hoe ook ons lot zijn

O) Deze broeder is voor het eilnnd Antbon bestemd.

Sluiten