Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waar wij onze gelden uitzetten voor de zaak des Heeren. En als de Heer ons voorspoedig maakt, en meer dan ooit den Zendelingsarbeid zegent, zouden dan de Christenen in Nederland maar bij liet gewone blijven of zicb geheel onttrekken? O! wij wensclien vurig veler gaven, niet alleen als hulpmiddel tot onzen arbeid, maar ook als uitdrukking van hunne dankbaarheid, dat Gods koningrijk ook door ons mag komen.

MADAGASKAR.

Wij voegen aan ons berigt nog eene belangrijke mededeeling omtrent Madagaskar toe. Velen onzer zullen zich de zware vervolgingen herinneren, welke de Christenen op dat eiland sedert het jaar 1835 hebben moeten verduren (1). In weerwil van dezelve zijn er velen getrouw gebleven aan den Heer, en is zelfs hun getal van tijd tot tijd met nieuwe belijders vermeerderd. Die aanwas der gemeente was vooral in 1845 aanmerkelijk, toen men wel een honderdtal nicuwbekeerden telde, en onder deze is er een, wiens toebrenging, zoo God hem leven en getrouwheid geeft, zeer gewigtig gevolg kan hebben. Het is de zoon der Koningin, de vermoedelijke erfgenaam van den troon, met name rakotonduadama , die het Christendom omhelsd heeft. Een jeugdig Christen, die met groote vrijmoedigheid en kracht de evangeliesche

(1) Zie Maandherigt 1838, No. 4, en 1839, No. 4.

Sluiten