Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1849. N ».1.

MAANDBERIGT

van het

NEDERLANDSCHE ZENDELINGGENOOTSCHAP,

betrekkelijk de uitbreiding van het Christendom , bijzonder onder de

HEIDENEN.

Geliefde Broeders en Zusters !

"W"ij begroeten 11 in dit eerste biduur des nieuwen jaars met eenen vvarmen heilgroet, medegespaarde leden en bevorderaars van het Godsrijk ! Vele wenschen en gebeden hebben uwe betrekkingen op dezen dag reeds voor u ontboezemd. De God en Vader van onzen Heer jezcs ciiristcs vervulle die wenschen, schenke ruime verhooring aan die gebeden, voor zoo ver zulks waarlijk goed voor u is en de eer Zijns naams bevorderen kan ! Slechts éénen algemeenen wensch hebben wij thans voor u, als voor ons zelven, en uiten dien met vertrouwen ; dewijl die wensch den Vader in de hemelen zeker welgevallig is, dewijl liij past in deze ure, die ons te zamen brengt lot het gebed, dat Gods Koningrijk kome. Dit wenschen wij: dal ditzelfde Koningrijk elk jaar, en elke week, en eiken dag gedurig meer w f orde bevestigd in uwe eigene harten; dat Koningrijk, dat uiel komt met uiterlijk gelaat, maar binnen in u

1

Sluiten