Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den wij het soort van kamp, dat zij gemaakt hadden, en verscheiden groepen van Karenen kwamen ons te gemoet, om ons zooveel eerder de hand te kunnen drukken. Het jaargetijde was hoogst ongunstig voor zulk eene zamenkomst; want het was de tijd, waarin de rijstbouw het meeste werk geeft, en echter hadden zich bijna twee honderd van onze broeders verzameld, om zich eenige dagen stichtelijk met ons af te zonderen. (Een voorbeeld ook voor den Nederlandschen landbouwer in den oogsttijd.) Er waren ook eenige bejaarde vrouwen, van welke sommige er henen gedragen hadden moeten worden door hare vrienden. Hoe zeldzaam vindt men in een Christenland zulk een' ijver en zulk eene zelfverloochening! Wij bragten daar vier dagen door, toegewijd aan onderrigt, aan gebed, aan het onderzoek der doopkandidaten, en aan den Doop zeiven en de viering des Avondmaals. Onze zamenkomsten waren rijk gezegend, zoodat onze Karenen zich noch over hunne vermoeijenis, noch over de vertraging van hunnen oogst behoefden te beklagen. Wij hadden het genoegen negentien doopkandidaten te kunnen toelaten. En wat deze dagen vooral belangrijk maakte, was de inzegening van mijn' inlandscheu medehelper kaulapo tot leeraar. Deze man, reeds van een' rijpen leeftijd, heeft door zijne kennis en zijn beminnelijk karakter hel hart zijner landgenooten gewonnen, zoodat geen enkele stem zich tegen hem verhief, toen ik vroeg of men hem het vervullen der heilige bediening waar-

Sluiten