Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

door de Franschen in bezit was genomen (1). Zoowel de toeleg der Roomsche kerk om zich door hare Zendelingen op dit eiland te vestigen, als de zedenbedervende invloed der krijgsmagt, die er het Fransche bewind kwam invoeren, dreigden de evangeliesche Zending jammerlijk te verstoren. Zij heeft dan ook niet weinig geleden, maar echter te midden der dreigende gevaren tot hiertoe boven verwachting zich staande gehouden. De Heer heeft er blijkbaar gewaakt over Zijne gemeente, als de trouwe herder der zielen. Daar de inboorlingen zich een' tijd lang gewapenderhand tegen de Fransche overheersching hebben verzet, zijn wel vooral gedurende den oorlog vele gemeenten verstrooid, vele scholen verlaten, en is er menig bedehuis verwoest. Niet weinigen ook van de nog zwakke of slechts uiterlijk aan de gemeente verbonden Christenen hebben zich tot groote zedeloosheid laten vervoeren, en aan den invloed der Zendelingen zich onttrokken. Nadat echter de vrede gesloten is, en de Koningin, die zich naar een naburig eiland begeven had, op Olaheite is teruggekeerd, is het den Zendelingen aanvankelijk gelukt hier en daar de verstrooide kudde weder te verzamelen, en zelfs uit hen, die vroeger onverschillig waren , nieuwe leden voor de gemeente te winnen. De Koningin gedraagt zich op den duur voorbeeldig, en maakt al den laster beschaamd, dien zij lijden moest. De pogingen der eerst gekomen Roomsche Zendelingen

(1) Zie Maandberie;t 1843, n°. 6, bl. 86.

Sluiten