Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bl{jven ons daartoe de middelen ontbreken , dan moeten wij andere vereenigingen aansporen, om die zending op te vatten.

Br Ulfers schreef warme woorden, om ons vooral nu aan te sporen, ja, ons ernstig aan te bevelen toch niet te vertragen. Hjj beschouwt den bekenden aanval op het residentiehuis te Mennilo als eene duidelijke aanwijzing, dat het voor de zending hoog tijd is, op hare wjjze, tusschen beiden te komen. De mohammedanen zullen steeds driester worden ; hunne Priesters en Hadji's verkrijgen gaandeweg meer invloed op de Radja's; deze laatsten zijn kleine dwingelanden, die hunne volken verdrukken, en de Islam wettigt de velerlei middelen, die zij daarbij aanwenden.

De Broeders Schwarz en de Lange hebben in Juljj des vorigen jaars , met toestemming van onze Regering en zelfs van den Radja van Bolaang-Mongondou, een' nieuwen verkenningstogt volbracht. Hunne opdragt was, zich te vergewissen of BolaangMongondou over land te bereiken is. Hun is gebleken, dat er twee wegen bestaau ; dat deze echter voor gewoon verkeer ongeschikt zijn; het lijdt intusschen geen twijfel, dat er een goede weg zon zijn aan te leggen, en daardoor ware de gemeenschap geopend tusschen volksstammen, die tot hiertoe elkander niet dan ter sluiks bezoeken, en die toch zeer veel gemeen hebben; stammen , die in de dagen der Compagnie meer als vereenigd beschouwd werden , dan in onzen tjjd. Er woner: Minahassers in Bolaang; deze betoonden zich zeer genegen voor het ontvangen van Zendelingen , openbaarden behoefte aan scholen; maar vrees voor den Radja maakte hen te schroomvallig om zich bepaald uit te spreken. Overal elders luidde het antwoord op de vraag, of men Zendelingen zou willen ontvangen, óf, dat moet de Radja weten; óf, uit den mond van mohammedanen, wj) zjjn geen heidenen, wij hebben geen Zendelingen noodig. De Radja en zgne rijksgrooten gedroegen zich onbeleefd, ja ongemanierd , en hun was niets aangenamer, dan te vernemen, dat de reizigers zich tot vertrek gereed maakten. Men kan de bijzonderheden van deze reis vinden in het jongst verschenen stuk van de »Mededeelingen." (1) Wij brengen hier aan onze Broeders openlijk dank voor de wijze, waarop zij hunnen last volvoerd hebben, en al zjjn zjj zeiven weinig tevreden met de uitkomsten, wjj stellen op px-ijs de moeite en inspanning, die zij gaarne gedragen hebben, en bljjven hun de zaak aanbevelen.

(1) Zie Med. XX D. bl. H5, c. v.

Sluiten