Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Oe Zending een geloofsstuk.

De zending is door en door eene zaak des geloofs.

Het geloof alleen aanvaardt den zendingslast. Want het geloot eert Christus als Koning en hoort zijn bevel : „Gaat dan heen, onderwijst alle volken." Wel worden er, ook van christelijke zijde nog allerlei bezwaren tegen de zending ingebracht: er is in eigen kring voor kerk en school en het werk der barmhartigheid zooveel te doen; in eigen omgeving onder de massa, die in ontkerstening wegzinkt, eischt de Evangelisatie al onze kracht; en zending drijven is zoo duur en geeft zoo weinig. Maar tegenover al die bezwaren legt het geloof dat koninklijk zendingsbevel in de weegschaal. En dan is de slotsom: „het moet, want Jezus wil het."

Het geloof alleen ook verstaat het recht der zending. De zending beoogt een machtig doel. Zij eischt alle volken op voor Jezus en bedoelt het imperialisme van Christus over heel de wereld. Cultuur is haar niet genoeg. Wel is onberekenbaar haar invloed voor heel het leven, voor gezin en familie, opvoeding en onderwijs, zeden en gewoonten, handel en bedrijf, kennis en kunst. Maar dat is toch haar hoofddoel niet. En evenmin slechts de bekeering van enkelen. Wel is het schoon als de zending zondaren brengt aan de voeten van Jezus: paarlen voor zijn kroon. Toch beoogt de zending nog meer. Het gaat haar om het koningschap van Christus over de volken. Want niet aan de machten van duisternis, zonde, dood en hel, maar aan Christus behooren de volken der wereld. Het is een zaak van heilig recht, alle volken natiën