Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

LAND- EN VOLKENKUNDE VAN NEDERLANDSCH INDIË

Mijne reis van Gorontalo naar Poso (Posso), met den Gouvernementsstoomer „Zeeduif". 4-16 Febr. 1892, door ALB. C. KRUIJT.

Ten 7 uur in den morgen van den 4 den Februari 1892 lichtte de Gouvernementsstoomer '/Zeeduif' het anker te Gorontalo. Ik genoot wederom van het prachtige gezicht op de drie bergketens, waartusschen Gorontalo ligt. Weldra wendde de boot den steven naar het Westen, de vuurtoren bleef het langst in zicht, maar eindelijk verdween ook deze uit het oog, en wij stoomden langs de eentoonige Noordkust vau de Bocht van Tomini, dien ontzaggelijken waterplas.

De eerste dag op eene boot is nooit geschikt voor eenigen arbeid. Het schip wordt bewonderd, men vreest de officieren en de manschappen in den weg te zullen loopen, en wil daarbij eens kalm omzien naar een plekje, waarvan men eene //gereserveerde" plaats kan maken. Het is eigenaardig, dat men op een dek, waarop alle passagiers evenveel recht hebben, steeds de plaats ontziet, waar een ander //gewoonlijk" zit. Dit bijzondere plekje wordt spoedig als particulier bezit beschouwd. Er hangt dus veel af van de keuze van zulk eene plaats, en daarom is het steeds geraden, die keuze niet te vlug te bepalen. Op het dek van de //Zeeduif" evenwel komt men spoedig tot een besluit, van wege de geringe oppervlakte.

MED. N.Z.G. XXXVI.

15

Sluiten