Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET SPORTBLAD.

9

beste spelers waren Schwagmeier, Bollmann en Löhmer.

Met den uitslag kunnen de onzen tevreden zijn. Het sterkste elftal heeft niet gewonnen . ■ . maar het missen van kansen behoort ook bij het spel.

Besluiten wij met pen geheim te verklappen : aan het Festessen werd 's heeren Leo Lauer's humor zeer gemist. P. J. S.

Van de Prinsenlaan.

Sparta—Ajax 1—1. We zijn er ... oef!

M'n hoofd staat er nog niet naar, maar ik wil 't nu toch doen . . .

'k Kom juist van den zenuwarts, 'k Was kapot, heelemaal in de war. 'k Hsb eerlijk met hem gesproken en hij heeft me rustig aangehoord. Het relaas van Sparta—Ajax, m'n kop gloeiend van opwinding, heb ik 't hem gedaan. Hem verteld van de spanning, hoe ik 4 minuten voor het einde geen raad meer geweten had, hoe de gelijkmaker was ontstaan, hoe er toen plots een ontzettend tumult was ontstaan, alsof duizenden duivels waran losgebroken, hoe ik de tribune zag deinen, hoe ik menschen elkaar zag omhelzen, hoe alles voor me plots geel en groen en blauw was geworden, hoe ik had gelachen, hoe ik had gehuild, hoe ik met mijn grootsten vijand had staan cancaneeren, hoe ik de laatste minuten van den strijd het horloge in mijn hand tot pulver had geknepen en Wat ik dan al verder in de laatste oogenblikken van dien wreedaardig opwindenden kamp voor abnormaals mocht hebben bedreven.

Hoe ik na afloop — ik die in geen 10 jaar met ook maar een druppel alcohol mijn gehemelte bezoedeld had — beschonken ben geraakt. Hoe ik begonnen ben — 't is m'n eigen schuld — rondjes weg te geven van rooden en witten port gemengd door elkaar, hoe anderen — vervloekt zijn ze — mg toen rpndjes hadden gegeven; hoe ik, geen wonder, van lieverlede onder den invloed ben geraakt en hoe ik ten slotte als een kanon, niet als „het" kanon (die is gelukkig van beter staal gegoten) naar huis ben getransporteerd.

Hoe ik daar verwarde verhalen heb zitten doen en m'n schoonmoeder zich snel tot eenige flauwten had gedecideerd. Hoe m'n vrouw — goeie ziel — me met een zoet lijntje naar bed had getroond. Hoe ik in het holle van den nacht was wakker geworden en hoe ik met een stem als een bazuin telkens maar weer voot Bok had willen cheeren . . .

Hoe ik eindelijk na veel natte handdoeken, bruispoeder en gemarrionneerde haringen het tot bij hem (den zenuwarts) had kunnen brengen . . Het oordeel van den medicus viel mee: „Goedaardig geval van acuten waanzin, ontstaan door buitengewone vreugde; een paar

dagen rust, en u is er weer boven op. Een tientje, dank u, dag meneer!"

Men zegt, dat zenuwdokters in Botterdam dezer dagen allen tjokvolle wachtkamers hadden ....

Ik voel me nu weer veel beter en ik ben tot kalm overdenken weer in staat. Laat eens zien, ik had me voorgenomen ditmaal eens een ferm verslag van dezen wedstrijd in elkaar te zetten. Een ouderwetsch verslag, degelijke kost, zooals ja die in. oude jaargangen van sportbladen vinden kan.

Gedurende de eerste helft van den strijd heb ik ijverig notities zitten maken. Schier eiken trap heb ik genoteerd. Van die eerste helft geloof ik wel U een kranig technisch verslag te kunnen leveren.

De tweede helft heeft echter roet in het eten gegooid. Wanneer ik goed zie, geloof ik nog wel het doelpunt van Ajax op mijn blocnote te kunnen ontcijferen. Dat was 8 minuten na de hervatting. Verder wordt het echter een hopeloos geval. Eerst nog een paar gejaagde krabbels — een kwartje als U er uit wijs kunt, ik niet — maar dan : niets meer. Je puurste onbesmette blank, dat U zoudt kunnen opvatten als ééa groote verbazing, één sprakelooze verwondering over het verloop van dezen kamp!

Nooit zag ik opwindender, spannender strijd ! Je zat er bij met een drogen mond en een hijgende borst!

Van den aanvang af, was Sparta sterker geweest, maar de Amsterdamsche verdediging werkte schitterend. Zoekt de commissie soms een achtèrspeler voor het Nederl-Elftal, ik weet er een : van der Lee. Prachtig zooals bij telkens een aanval weet te breken en dan dat zuivere wegwerken !

Eerst na 20 minuten gaat ook de Ajaxvoorhoede eigenlijk pas een woordje meepraten. Toch zijn haar aanvallen maar slapjes en deze linie staat bij Ajax wél op het minste plan. Ik zag gedurende den geheelen wedstrijd geen werkelijk goed schot op het Sparta doel afgeven. De invaller doelman Hoogendijk had het dan ook niet bijster moeilijk, hoewel dergelijke wedstrijden voor een doel verdediger aller on geriefelijkst zijn. Het hoogst weinige willen ze in zoo'n geval bijzonder secuur doen en het resultaat is dikwijls averechtsch.

Zoo ging 't ook nu; de eenige gevaarlijke doorbraak na de rust bracht het tot een doelpunt voor de Amsterdammers, die eenvoudig weg den doelman met den bal, dien hij al te stevig omknelde, in het net liepen.

O dat doelpunt!

Zou het nu waarachtig wéér tegenloopen ? Honderden Dortenaren schreeuwen het uit van vreugde, maar duizenden laden voetbalsmart op dat moment.

Ik heb Sparta nooit zóó zien aanpakken als

Alleen het woord

EELAARTINE

doet ieder sportbroeder reeds watertanden naar een glas

heerlijke MMEOSTAÖK.

Sluiten