is toegevoegd aan je favorieten.

De ingenieur; Orgaan der Vereeniging van Burgerlijke Ingenieurs jrg 7, 1892, no 26, 25-06-1892

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

276

genoemde nummer een nadere ontleding van de met de machines van deze schepen genomen proeven. Na een tamelijk scherp verwijt aan de marine-autoriteiten die wel kostbare proeven nemen met de schepen, de torpedo's enz., maar nog nooit een volledige juiste snelheidsproef namen en die van geen der schepen van de Britsche marine opgaven bezitten omtrent het kolenverbruik, geeft «Engineering» een tabellarisch overzicht van de resultaten van zeven proefvaarten op de gemeten mijl te Stokes Bay en voor vergelijking de twee contractproefvaarten ter keuring van de machines te Plymouth. Ook zijn de uitkomsten in een diagram saamgevat, waarvan de horizontale afmetingen knoopen voorstellen, terwijl de verticale afstanden indicateurpaardekrachten aangeven. Daaraan zijn verbonden beschouwingen omtrent de practische waarde der formules: log. IHP=a+b 7waarin

T TT p

a en b constanten zijn en V de snelheid is en log. — a + b V

n

waarin a, b en V als boven en n het aantal omwentelingen van de stuwschroef per minuut, hetgeen ook kan voorgesteld worden als log. geïndiceerde kraagblokdruk — a b V.

Manometers voor gassen onder hooge drukking.

«Engineering» van 29 Jan. bevat eene lezing van den heer F. Budenberg voor de «Lantern Society», over manometers voor gassen onder hooge drukking.

De bedoeling was, in het bijzonder de gevaren aan te geven die deze manometers kunnen opleveren bij het gebruik van gecomprimeerde zuurstof ter voortbrenging van kalklicht voor projectiebeelden.

w uutpiuiuugeu, uie sieeus een gevaanijK KaraKter aragen, kunnen van tweeërlei aard zijn n.1. mechanisch ten gevolge van het springen van de manometerbuis, en chemisch ten gevolge van ontbranding van kleine restanten beproevingsolie in die buis ten gevolge van de hooge temperatuur, die bij toelating van de hooggespannen gassen ontstaat.

Om het eerste te voorkomen, worden de gebogen manometerbuizen met den meest mogelijken zorg gemaakt uit de beste soort staal; elk gering foutje dat na polijsten bij in- en uitwendig microscopisch onderzoek op de oppervlakte zichtbaar is, is een .reden tot afkeuring van de buis. De chemische ontploffing wordt het best voorkomen door in het ondereind van de buis een sperinrichting aan te. brengen, bestaande uit twee ingeschroefde doorboorde pluggen, waartusschen eenige lagen metaalgaas en vilt geklemd zijn. Hierdoor plant zich de hooge luchtdruk zeer langzaam in de buis voort en bestaat er voldoende tijd voor absorbtie van de ontwikkelde warmte door de metaalwanden.

Weerkundig

DATUM.

17 Juni 1892.

18 , „

19 „ .

20 „ „

21 \

22 „ „

23 „

e waarnemingen te Utrecht, 8 uur voormiddag.

Barometerstand in mM.

Windrichting

760.1

759.6 759.6 762.9

N.N.O.

Z.W.

w. z.z.w.

Windkracht, volgens de in-d. sch.

Temperatuur, graden Celsius |

Gevallen regen in mM.

13

13 11 14

0 20 0

Rivierberichten.

Waterhoogten in Meters + A.P. 8 uur voormiddag.

Keulen. " W)imp I ,rn Wester- Maas- I

1892. 7 uur Lobith. Nil™e- voort. trieht Venlo. Grave.

'sm. ' ' (zelfr.pl. (brug).

.___L ; 1

18 Juni , 38.81 11.34 8.96 9.08 9.59 41.80 9.29 5 21

!9 „ 38.94 11.37 8.99 9.09 9.61 42.86 9.22 5 17

20 „ 39.11 11.46 9.06 9.15 9.68 41.78 9.28 5 15

21 39.27 11.62 9.20 9.27 9.80 41.80 9.21 5.15

22 „ 39.36 11.80 9.39 9.41 9.95 41.79 9.23 5.11

23 v 39.34 11.93 9.52 9.51 10.07 41.80 9.25 5 20

24 „ 39.25 11.98 9.60 9.58 10.12 41.90 9.32 5.21

I I I

.Nul der oude schaal. 35.85 13.91

Laagste stand bij open water te Keulen en te Maastricht, met daarmede overeenko¬

mende standen. . . . 36.85 9.37

Standen overeenko mende met 1.50 M

+ peil te Keulen . . 37.35 9.79

Gem. zomerst. (1 Mei

tot 1 Nov.) 1881—90. 38.66 11.25

Merk III. (Verbod

van stoomvaart). - . 43.65 15.70

Hoogste stand bij

open water |45.36 116.68

Men zie verder „De Ingenieur

6.22

6.87

7.60 8.72 12.62 13.50

6.95

7.51

7.88 9.00 12.71 13.28

Westervoort zelfr.jbrug. P-s. I

Maas-

tricht brug.

8.02

8.38 9.53

7.37 42.20

7.87

8.21 9.38

13.92113.57

1891, No. 1.

41.70

42.87

46.95

Grave

— 4.85

10.13

18.33

4.85

6.04

11.26

BINNEN- EN BUITENLANDSCHE BERICHTEN.

■ Op 6 April jl. overleed te Hannover na een meerjarig leiden de Geheime Oberbaurath Ernst Buresch, in den ouderdom van 74 jaren. Büresch werd op 29 Aug. 1817 te Derneburg in Hannover geboren studeerde aan de Polytechnische School te Hannover en leidde van' 1845 tot 1864 den bouw en de exploitatie van verschillende spoorwegen in Hannover. In 1864 ging hij eerst met verlof en vervolgens definitief in dienst van de Oldenburgsche Regeering over, om belast te worden met den aanleg van het spoorwegnet in dat rijk. In 1882 legde hij die betrekking neder, om daarna nog enkele jaren de leiding van de exploitatie der Holsteinsche baan van Kiel naar Flensburg op zich te nemen.

Een grondtrek van Buresch's technische werkzaamheid was het streven om het beoogde doel met de eenvoudigste middelen en met wijze spaarzaamheid te bereiken. De Oldenburgsche lijnen kenmerken zich dan ook in dit opzicht bijzonder, en het gelukte hem in deze streek met gering verkeer spoorwegen te bouwen, die een voldoende rente afwerpen. Hij was een ijverig voorstander van smalspoorwegen. Zijne smalsporige baan van Ocholt naar Westerstede trok als een voorbeeld van goedkoopen bouw en eenvoudige exploitatie algemeen de aandacht.

Buresch was o. a. ridder in de orde van den Nederlandschen Leeuw.

Onze landgenoot, de heer J. Sluiter, heeft met goed succes zijn candidaats-examen voor werktuigkundig ingenieur aan de hoogeschóol te Berlijn afgelegd.

De Raad van Bestuur van het Kon. Instituut van Ingenieurs heeft benoemd :

tot president: het raadslid W. F. Leemans ; tot vice-president: het raadslid dr. E. F. van Dissel en tot penningmeester: het raadslid F. M. van Panthaleon baron van Eck, die zich allen die benoeming hebben laten welgevallen.

Bij beschikking van den Minister van Binnenlandsche Zaken is bij de in 1892 te houden examens der rijksnormaalschool voor teekenonderwijzers, alsmede bij de theoretische en eindexamens der rijksschool voor kunstnijverheid en der daartoe behoorende klasse voor kunstnaaldwerk, aangewezen als deskundige de civiel- en bouwkundig ingenieur jhr. B. W. F. van Riemsdijk, onderdirecteur van het Nederlandsch Museum, en tot plaatsvervangend deskundige de heer N. van der Waay, hoogleeraar aan 's Rijks academie van beeldende kunsten te Amsterdam.

In de «Ned. St.-Ct.» van 19 en 20 Juni jl. is opgenomen het programma der lessen, welke gedurende het jaar 1892—1893 aan de Polytechnische School zullen gegeven worden.

Bij Koninklijk besluit van 16 Juni jl. is eene commissie ingesteld belast met de bevordering van de belangen van de Nederlandsche Nijverheid en den Nederlandschen handel en landbouw bij gelegenheid der in 1893 te Chicago te houden internationale tentoonstelling.

fn deze commissie zijn benoemd:

tot lid en voorzitter. Mr. M. Mees, onder-voorzitter van de Kamer van Koophandel en Fabrieken te Rotterdam; tot leden, de heeren:

B. Heldring, directeur van de Nederlandsche Handelmaatschappij, en G. M. Boissevain, secretaris van de vereeniging »Het Buitenland" ;

tot secretaris, jhr. S. van Citters, adjunct-commies bij het ministerie van Waterstaat, Handel en Nijverheid;

en is bij de bovengenoemde tentoonstelling aangewezen als commissaris der Nederlandsche Regeering de heer G. Birkhoff Jr., consul der Nederlanden te Chicago.

De Minister van Financiën heeft aan den heer Leonard A. Springer, tuinarchitect te Haarlem, opgedragen het maken van een plan tot exploitatie van een deel der geslechte, vestingwerken te Breda. Dit gedeelte gelegen tusschen den Ginnekenschen weg, Singelgracht, de loopschans en de begraafplaats moet worden opgehoogd en waarvoor een vijver moet worden gegraven, die omgeven door grasvelden en beplantingen, tevens tot verfraaiing van het geheel kan dienen, en een aantrekkingspunt worde, om het opgehoogde gedeelte tot bouwterreinen te koopen.

De uitvoering hangt af van het gemeentebestuur van Breda, daar de gemeente de beplanting en onderhoud op zich moet nemen.

een wetsontwerp tijdsbepaling voor

Bij den Duitschen Bondsraad is door de Regeerin ingediend ter invoering van eene gelijkvormige Duitschland.

Het luidt als volgt: »De wettelijke tijd in Duitschland is de gemiddelde zonnetijd van den 15den lengtegraad, oostelijk van Greenwich.

»Deze wet treedt in werking op het oogenblik, waarop de 1ste April 1893 volgens de in de voorafgaande zinsnede vastgestelde tijdsbepalingbegint.»

Volgens het sedert Mei j.1. verschijnend Engelsche maandblad « The Canal Journal and Irland Navigation Review» (181 Queen Victoria Street, London E. C, prijs per nummer 6 d.) heeft de inschrijving voor den aanleg van een haven te Heyst (België) en van een zeescheepvaartkanaal van Heyst naar Brugge weinig liefhebbers gelokt. Op blz. 364—366 van den vorigen jaargang werd omtrent de plannen om Brugge tot een zeehaven te maken, het een en ander megedeeld. Het programma, door de Regeering vastgesteld, omvatte de voorwaarden.