is toegevoegd aan je favorieten.

Tijdschrift voor Neerland's Indië jrg 14, 1885 (2e deel) [volgno 4]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VARIA.

De Mohamedaansche onderdanen van den Czaar, wier aantal, door het voorwaarts rukken der Bussen in Azië, met den dag vermeerdert, erkennen als hunne geestelijke opperhoofden de beide mufti's van Orenburg en van Taurië. De mufti van Orenburg, Tefkeleff geheeten, een beschaafd en op Europeesche wijze opgevoed man, die vroeger als officier in het Russisch leger had gediend, is voor eenigen tijd overleden, en de regeering heeft thans de moeielijke taak te vervullen, een persoon te benoemen, die tegelijk haar vriend en die der muzelmannen is. Volgens de wet moet een dergelijk opperhoofd eigenlijk door de Mohamedanen zelfgekozen, en die keuze door de rêgeering worden bekrachtigd; de in de laatste jaren gevolgde practijk, waarvan ook nu wel niet zal worden afgeweken, is evenwel juist tegenovergesteld: de regeering benoemt, en de Mohamedanen hebben goed te keuren. Dit belet echter geenszins, dat men zeer behoedzaam te werk gaat met de keuze van den titularis, naar wien de muzelman opziet, als de roomsch-katholiek naar den Paus. Behalve in de oostelijke gouvernementen, waar de meeste Mohamedanen wonen, zijn zij ook hier en daar in het zuiden sterk vertegenwoordigd: in den Kaukasus b. v. maken zij 60 % der bevolking uit. De Kaukasus en de Krim behooren tot het ressort van den mufti van Taurië; van alle