Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Overwegende, voor zover het raadsbesluit van 3 November 1950 en onderdeel a van het raadsbesluit van 21 December 1950 betreft, dat de gemeentewet, in de artikelen 299 en 300 de gemeenteraad roepende om met betrekking tot terzake van plaatselijke belastingen ingebrachte bezwaren een gemotiveerde beslissing te nemen, er van uitgaat dat deze motivering moet steunen op wet of verordening;

dat hiervan in casu, gelet op de overwegingen, vervat in de hierbovengenoemde besluiten geen sprake is, aangezien immers de raad in hoofdzaak heeft overwogen:

„dat deze aangelegenheid nodeloos op de spits gedreven is; dat het aanbeveling verdient in deze zaak alsnog een schikking te treffen”;

Overwegende voorts, voor zover onderdeel b van het raadsbesluit van 21 December 1950 betreft, dat de raad, klaarblijkelijk het sub b door de requestrant gevorderde als een bezwaarschrift op grond van artikel 300 der gemeentewet aanmerkende, wegens overschrijding van de in dat artikel genoemde termijn requestrant niet-ontvankelijk had moeten verklaren;

dat, ook indien ervan wordt uitgegaan, dat hier geen sprake is van een bezwaarschrift als bovenbedoeld, doch van een vordering, om aan burgemeester en wethouders op te dragen, met toepassing van artikel 14 van de verordening op de heffing van vermakelijkhedenbelasting het wegens belasting gevorderde bedrag te herzien, de raad tot niet-ontvankelijk verklaring had moeten besluiten, omdat hij tot het geven van een dergelijke opdracht niet bevoegd is;

dat op bovenstaande gronden eerdergenoemde raadsbesluiten van 3 November 1950 en 21 December 1950 geacht moeten worden in strijd te zijn onder meer met de artikelen 299 en 300 der gemeentewet en dat deze besluiten derhalve behoren te worden vernietigd;

De Raad van State gehoord (advies van 27 November 1951, No. 30);

Gelet op de artikelen 185 en 187 der gemeentewet;

Gezien het nader rapport van Onze voornoemde Minister van 5 December 1951, No. 18688, afdeling Financiën (Binnenlands Bestuur);

Hebben goedgevonden en verstaan:

de besluiten van de raad der gemeente Made en Drimmelen van 3 November 1950 en 21 December 1950 te vernietigen wegens strijd met de wet.

Sluiten