Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

STAATSBLAD

VAN HET

KONINKRIJK DER NEDERLANDEN

WET van 23 April 1952 tot wijziging van het Zevende Hoofdstuk B der Rijksbegroting voor het dienstjaar 1950. (Departement van Financiën.)

Wij JULIANA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

Allen, die deze zullen zien of horen leze 1 , saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat de noodzakelijkheid is gebleken van een wijziging van het Vilde hoofdstuk B (Departement van Financiën) der Rijksbegroting voor het dienstjaar 1950, vastgesteld bij de wet van’ 24 Februari 1950 ( Staatsblad no K 51), zoals het is gewijzigd bij de wetten van 9 Augustus 1950 (Staatsblad no. K 346), 4 November 1950 (Staatsblad no. K 486), 10 November 1950 (Staatsblad no. K 504), 6 April 1951 (Staatsblad no. 102) en bij Ons krachtens artikel 24 der Comptabiliteitswet (Staatsblad 1927, no. 259) uitgevaardigd besluit van 22 December 1950 (Staatsblad no. K 639);

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel I

De hierna vermelde artikelen van het Vilde hoofdstuk B der Rijksbegroting voor het dienstjaar 1950 worden verhoogd als volgt:

TITEL A. GEWONE DIENST

wordt ver- en mitsdien hoogd met: gebracht op: AFDELING I. MINISTERIE. Onderafdeling I. ALGEMENE LEIDING. Artikel 3 Personeelsuitgaven.......... Onderafdeling II. ADMINISTRATIEVE EN HULP AFDELINGEN. f 28 000 f 80 630 5 Personeelsuitgaven 24 000 816 320

Zie voor de behandeling in de Staten-Generaal:

Bijl. Hand. II 51/52, 2397; Hand. II 51/52, bladz. 2123; Bijl. Hand. I 51/52, 2397; Hand. I 51/52, bladz. 692.

Sluiten