is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1952, no. 301-400, 01-01-1952

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

STAATSBLAD

VAN HET

KONINKRIJK DER NEDERLANDEN

WET van 23 Juni 1952, houdende instelling van de Nederlandse orde van advocaten alsmede regelen betreffende orde en discipline voor de advocaten en procureurs. (Advocatenwet.)

Wij JULIANA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de Nederlandse orde van advocaten in te stellen, alsmede de regelen betreffende de orde en discipline voor de advocaten en procureurs te herzien;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Ger.eraal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

§ 1. Van de inschrijving en de beëdiging van de advocaten; van het tableau

Artikel 1

1. De advocaten worden ingeschreven bij de rechtbank van het arrondissement, waarin hun kantoor is gevestigd.

2. De bij de rechtbank in het arrondissement ’s-Gravenhage ingeschreven advocaten zijn tevens advocaat bij de Hoge Raad.

3. Een advocaat kan slechts bij één rechtbank ingeschreven zijn.

Artikel 2

1. Ieder, die aan een Rijks- of daarmede gelijkgestelde Nederlandse universiteit heeft verkregen: hetzij de graad van doctor in de rechtswetenschap, hetzij de graad van doctor in de rechtsgeleerdheid of de hoedanigheid van meester in de rechten, mits deze graad of deze hoedanigheid verkregen is op grond van het afleggen van een examen in het Nederlands burgerlijk- en handelsrecht, staatsrecht en strafrecht,

Zie voor de behandeling in de Staten-Generaal:

Bijl. Hand. II 47/48, 892; Bijl. Hand. II 48/49, 892; Bijl. Hand. II 49/50, 892; Bijl. Hand. II 50/51, 892; Bijl. Hand. II 51/52, 892; Hand. II 51/52, bladz. 1842 t/m 1860; Bijl. Hand. I 51/52, 892; Hand. I 51/52, bladz. 1007 t/m 1009.