is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1953, no. 102-198, 01-01-1953

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Paragraaf 2. Inspectie ............ 1 269 300 147 Personeelsuitgaven.............. 1 005 500 148 Algemene uitgaven............. 249 600 149 Aanschaffingen voor inrichting, uitbreiding en vernieuwing .................. 14 200 Aangewezen voor toepassing van artikel 24 der Comptabiliteitswet ('Stb. 1927, no. 259). Paragraaf 3. Staatsveeartsenijkundig Onderzoekingsinstituut ................ 1 653 300 150 Personeelsuitgaven.............. 315 300 151 Algemene en specifieke uitgaven........ 159 000 152 Overige uitgaven voortvloeiende uit de technische taak.................... 1 071 000 Aangewezen voor toepassing van artikel 24 der Comptabiliteitswet ('Stb. 1927. no. 259). 153 Aanschaffingen voor inrichting, uitbreiding en vernieuwing .................. 108 000 Aangewezen voor toepassing van artikel 24 der Comptabiliteitswet (Stb. 1927, no. 259). Paragraaf 4. Rijksseruminrichting ....... 983 800 154 Personeelsuitgaven.............. 461 000 155 Algemene en specifieke uitgaven........ 116 300 156 Overige uitgaven voortvloeiende uit de technische taak.................... 361 500 157 Aanschaffingen voor inrichting, uitbreiding en vernieuwing .................. 45 000 Aangewezen voor toepassing van artikel 24 der Comptabiliteitswet (Stb. 1927, no. 259). Onderafdeling V. VEETEELT AANGELEGENHEDEN .................. 2 137 500 Paragraaf 1. Algemeen ........ 255 600 158 Personeelsuitgaven.............. 91 200 159 Algemene uitgaven............. 15 600 160 Subsidie proefzuivelboerdcrij Hoorn....... 15 000 161 Subsidiën en andere uitgaven ten behoeve van de paarden-, rundvee-, varkens-, geiten- en schapenK3 fokkerij en/of -houderij............ 131 300 162 Afdracht aan de Stichting Fonds voor Pluimveebelangen van de interest van de bij het Ministerie van Financiën in beheer zijnde fondsen . ƒ 53 518 te ontvangen interest....... 53 518 zodat wordt uitgetrokken........... Nihil 163 Bijdrage aan de Internationale Zoötechnische Vereniging ............ 1 500 *64 Aanschaffingen voor inrichting, uitbreiding en vernieuwing .............. 1 000 Aangewezen voor toepassing van artikel 24 der Comptabiliteitswet (Stb. 1927, no. 259). Paragraaf 2. Uitvoering Paardenwet 1939 .... 33 700 165 Personeelsuitgaven .......... 22200 166 Algemene uitgaven......... 11 500 Paragraaf 3. Veeteelt- en pluimveeteeltvoorlichtingsdienst ................ . 774 000 167 Personeelsuitgaven........ƒ 593 000 waarvan wordt doorberekend ... 1 300 zodat wordt uitgetrokken.". . . . . . . . . . 591 700 168 Algemene en specifieke uitgaven........ 167 300 169 Vergoedingen aan het bijzonder Landbouwonderwijs voor verleende diensten ten behoeve van de veeteeltvoorlichtingsdienst ....... 7 000

170 Aanschaffingen voor inrichting, uitbreiding en vernieuwing .................. 8 000 Aangewezen voor toepassing van artikel 24 der Comptabiliteitswet (Stb. 1927, no. 259). Paragraaf 4. Rijksinstituut voor pluimveeteelt . . 362 300 171 Personeelsuitgaven........ƒ 237 200 hiervan wordt terugontvangen van het Fonds voor Pluimveebelangen . 20 000 zodat wordt uitgetrokken........... 217 200 172 Algemene en specifieke uitgaven........ 29 100 173 Overige uitgaven voortvloeiende uit de technische taak.................... 107 500 174 Aanschaffingen voor inrichting, uitbreiding en vernieuwing .................. 8 500 Aangewezen voor toepassing van artikel 24 der Comptabiliteitswet (Stb. 1927, no. 259). Paragraaf 5. Rijkslandbouwproefstation te Hoorn . 155 000 175 Personeelsuitgaven.............. 118 000 176 Algemene uitgaven............. 26 200 177 Overige uitgaven voortvloeiende uit de technische taak.................... 5 400 178 Aanschaffingen voor inrichting, uitbreiding en vernieuwing .................. 5 400 Aangewezen voor toepassing van artikel 24 der Comptabiliteitswet (Stb. 1927, no. 259). Paragraaf 6. Rijkslandbouwproefstation te Maastricht ............ 556 900 179 Personeelsuitgaven.............. 462 800 180 Algemene uitgaven............. 48 400 181 Overige uitgaven voortvloeiende uit de technische taak .................... 32200 182 Aanschaffingen voor inrichting, uitbreiding en vernieuwing ........... 13 500 Aangewezen voor toepassing van artikel 24 der Comptabiliteitswet (Stb. 1927, no. 259). Onderafdeling VI. AKKER- EN WEIDEBOUW 9 527 000 Paragraaf 1. Algemeen ............ 1 428 800 183 Personeelsuitgaven.............. 376 400 184 Algemene en specifieke uitgaven........ 101400 185 Kosten voortvloeiende uit wetenschappelijke proefnemingen door landbouwconsulenten...... 257 150 186 Subsidies voor het doen van landbouwproefnemingen 310 650 187 Uitgaven ter bevordering van de rationalisatie van de kleine boerenbedrijven over 1953 en afgesloten dienstjaren................. Memorie 188 Subsidie aan de Stichting Bodemkartering .... 300 000 189 Aanschaffingen voor inrichting, uitbreiding en vernieuwing .................. 3 700 Aangewezen voor toepassing van artikel 24 der Comptabiliteitswet (Stb. 1927, no. 259) 190 Aanschaffingen voortvloeiende uit wetenschappelijke proefnemingen door landbouwconsulenten .... 45 000 Aangewezen voor toepassing van artikel 24 der Comptabiliteitswet (Stb. 1927, no. 259). 191 Bijdrage aan het K.N.M.I. te de Bilt...... 34 500 Paragraaf 2. Landboiiwvoorlichtingsdienst . . . . 5 089 700 192 Personeelsuitgaven.............. 4 032 000 193 Algemene en specifieke uitgaven........ 966 700