Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

STAATSBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN

323

BESLUIT van 27 Juni 1953 tot hernieuwde vaststelling van een algemene maatregel van bestuur, als bedoeld in artikel 64, 2°, der Ongevallenwet 1921 (berekening contante waarden van renten).

Wij JULIANA, bu de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Sociale Zaken van 16 Mei 1953, No. 2712, Afdeling Sociale Verzekering;

Gelet op artikel 64, onder 2°, der Ongevallenwet 1921;

De Raad van State gehoord (advies van 9 Juni 1953, No. 30);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Sociale Zaken van 16 Juni 1953, No. 3469, Afdeling Sociale Verzekering;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel 1. Met de in dit besluit alleen door het nummer aangewezen artikelen worden bedoeld artikelen der Ongevallenwet 1921.

Artikel 2. Bij de toepassing van deze algemene maatregel van bestuur wordt de duur van tijdvakken — behoudens voor wat de duur d betreft, bedoeld in de leden 2 en 3 van artikel 6 van dit besluit — en leeftijden afgerond in gehele jaren, waarbij delen van een jaar gelijk aan of groter dan een half jaar voor een geheel jaar worden gerekend en delen van een jaar kleiner dan een half jaar worden verwaarloosd.

Artikel 3. De bedragen, te berekenen met behulp van de in artikel 4 van dit besluit vermelde formules, geven de contante waarden van de diverse renten en van de uitkering bij hertrouwen aan op tijdstip T. Dit tijdstip T is:

in het geval van artikel 63 de dag, waarop de wetenschappelijke balans betrekking heeft;

in de gevallen, aangegeven in de artikelen 60 en 61, de dag, waarop de in genoemde artikelen bedoelde berekeningen betrekking hebben;

in de gevallen, aangegeven in artikel 57, lid 1 onder 3°, en in artikel 58, lid 1 onder 3°, voor wat een rente aan getroffene betreft de dag, waarop deze rente anders dan voorlopig is vastgesteld, voor de overige renten de dag, onmiddellijk volgende op die van het overlijden van getroffene, tenzij °P die dag de uitspraak omtrent de verzekeringsplicht van de onderneming, waarin getroffene ten tijde van het ongeval werkzaam was, nog niet onherroepelijk is geworden, in welk geval T de dag van vaststelling der rente is.

Artikel 4. 1. De contante waarde van een krachtens artikel 16 vastgestelde rente wordt berekend volgens de formule: i • L.u a + s .

2. Voor elk der soorten renten, vastgesteld krachtens artikel 19, lid 1 onder 2°, wordt, behoudens het bepaalde in artikel 6 van dit besluit, de contante waarde berekend met behulp van de desbetreffende der onder a t/m g vermelde formules.

Deze formules luiden: voor een rente, als bedoeld in artikel 21 onder a : L.i. a'[ y j + t b : L.i. a x c, d en f ; L.i. a xz —i 16 — z e : L.i. ( t a x + { a y j ^xy) o o o o o 0 o g : L.i. (t ü x + t ü y t ® x y )• ss ss s s s

3. Voor de afkoopsom, als bedoeld in artikel 22, lid 1, luidt de formule'.

Li. 2 A'j-yj + t .

4. De contante waarde van de afkoopsom, als bedoeld in artikel 22, lid 2, wordt op nihil gesteld.

Artikel 5. 1. De in de formules van artikel 4 van dit besluit voorkomende symbolen hebben de volgende betekenissen:

L i A' a P a pq r... : 313-voud van het dagloon, dat aan de berekening der rente ten grondslag ligt; ; verhouding van dagrente tot dagloon op tijdstip T; : contante waarde van het op het hoofd van een y-jarige weduwe lopende recht op uitkering van de eenheid bij hertrouwen, onmiddellijk na dat hertrouwen betaalbaar; : contante waarde ener in gelijke wekelijkse termijnen te betalen levenslange rente ten bedrage van de eenheid ’s jaars op het hoofd van een p-jarige; Het accent rechts bovenaan bij betekent, dat de betrokken rente behalve bij de dood ook eindigt bij hertrouwen. : contante waarde ener in gelijke wekelijkse termijnen te betalen verbindingsrente ten bedrage van de eenheid ’s jaars op een stel personen van p, q, r .. .-jarige leeftijd, eindigend bij overlijden van één der rentetrekkers; t ö_, t f ^p qr -contante waarde ener in gelijke wekelijkse termijnen te betalen rente op één hoofd resp. ener verbindingsrente ten bedrage van de eenheid ’s jaars gedurende t jaren of tot eerder overlijden van de rentetrekker resp. van één der rentetrekkers; ii - : contante waarde ener in gelijke wekelijkse P termijnen te betalen rente krachtens artikel 16 op het hoofd van een p-jarige, op tijdstip T ten bedrage van de eenheid ’s jaars; a —: : contante waarde ener in gelijke wekelijkse n I termijnen te betalen vaste uitkering ten bedrage van de eenheid ’s jaars gedurende n jaren. 2. De onderstaande leeftijds- en düurindices hebben de daarachter vermelde betekenissen: [*] -f s : leeftijd van de getroffene op tijdstip T, waarbij s = duur van het tijdvak, gedurende hetwelk de rente reeds anders dan voorlopig lopende is;