Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BIJLAGE, behorende bij het

Eierenbesluit (Warenwet)

Methoden van Onderzoek

A. Chemisch onderzoek

A. 1. Natriumchloride (keukenzout), suiker (saccharose) en glycerol (glycerine)

Bereid een uittreksel met water van het eiproduct op de hieronder beschreven wijze of op een gelijksoortige wijze, afhankelijk van het gehalte der te bepalen stof.

Breng in een konische kolf van 300 ml 10 g waar, zo fijn mogelijk verdeeld in 150 tot 200 ml water en meng door schudden. Plaats de kolf in kokend water tot de eiwitten zijn gecoaguleerd en laat afkoelen. Voeg toe 5 ml kaliumferrocyanide-oplossing en meng; voeg daarna 5 ml zinkacetaatoplossing toe en schud krachtig. Vul aan tot 250 ml en filtreer door een vouwfilter of centrifugeer.

Ga door kwalitatieve reacties na, of in de aldus na klaring verkregen oplossing chloride, suiker en glycerol aanwezig zijn.

Bepaal in een passend deel van dit filtraat het natriumchloridegehalte door middel van de chloridetitratie volgens Volhard. Breng bij het berekenen van het toegevoegde natriumchloride in rekening, dat eiwit en eiderdooier van nature 0,2 % natriumchloride bevatten.

Bepaal in een passend deel van dit filtraat het suikergehalte uit het reductievermogen na inversie volgens de Methoden van onderzoek, behorende bij het Jam- en Limonadebesluit (Warenwet).

Breng bij het berekenen van de toegevoegde suiker in rekening, dat eiwit en eierdooier van nature 0,3 % schijnbare saccharose bevatten.

Bepaal het glycerolgehalte als volgt:

Damp 100 ml filtraat in tot ten hoogste 5 ml. Vervolg de bepaling, als aangegeven onder „Verwijdering van melkzuur en citroenzuur”, indien bedoelde zuren aanwezig zijn. Indien bedoelde zuren niet aanwezig zijn, spoelt men het ingedampte filtraat met ca 60 ml sterke aethanol over in een maatkolf van 100 ml en vervolgt verder, als aangegeven onder „Jodometrische titratie”.

Verwijdering van melkzuur en citroenzuur

Breng in een maatkolf van 100 ml achtereenvolgens 50 ml sterke aethanol, 4 ml halfbasische loodacetaat-oplossing en 2 ml ammonia 6 n.

Spoel met behulp van sterke aethanol het ingedampte filtraat in de maatkolf, vul aan tot de streep, meng en centrifugeer of filtreer.

Breng in een centrifugebuis 50 ml centrifugaal of filtraat, 4 ml natriumsulfaatoplossing en zoutzuur 8 n tot zure reactie op congopapier en centrifugeer.

Giet af in een maatkolf van 100 ml. Breng in een centrifugebuis 10 a 20 ml sterke aethanol, meng, centrifugeer en giet deze wasvloeistof eveneens af in dezelfde maatkolf.

Vervolg het onderzoek, als aangegeven onder „Jodometrische titratie”.

Jodometrische titratie

Voeg toe 10 ml natriumhydroxyde-oplossing. Druppel alcoholische koperchloride-oplossing bij tot de eerste blijvende troebeling van cuprihydroxyde en voeg nogmaals dezelfde hoeveelheid dezer oplossing toe. Vul met sterke aethanol aan tot de streep, meng en centrifugeer. Damp 50 ml centrifugaat in tot de aethanol is verdwenen.

Spoel met behulp van ca 50 ml water en 10 ml zoutzuur de ingedampte vloeistof over in een konische kolf, voeg 10 ml kaliumjodide-oplossing toe en titreer het afgescheiden jodium met thiosulfaat-oplossing 0,1 n, hierbij als indicator zetmeel - oplossing gebruikende (titreercijfer a ml).

Verricht gelijktijdig een blanco-bepaling met zelf bereide eierstruif (titreercijfer b ml).

Het glycerolgehalte in de 50 ml centrifugaat, welke voor de titratie zijn gebruikt, bedraagt (a-b) 9,20 mg.

A. 2. Benzoëzuur en boorzuur

Toon de aanwezigheid van benzoëzuur en boorzuur aan en bepaal het gehalte aan boorzuur volgens de Methoden van onderzoek, behorende bij het Vlees- en Vleeswarenbesluit (Warenwet).

A. 3. Zwaveligzuur

Toon de aanwezigheid van zwaveligzuur aan en bepaal het gehalte ervan volgens de Methoden van onderzoek, behorende bij het Vlees- en Vleeswarenbesluit (Warenwet).

A. 4. Toegevoegde kleurstof

a. Reactie op in water oplosbare synthetische kleurstof

Wrijf ca 5 g eierstruif of een overeenkomstige hoeveelheid van een ander eiproduct in een mortier met 5 ml zoutzuur 4 n en 25 ml amylalcohol. Filtreer door droog filtreerpapier en vang het filtraat op in een scheitrechter. Voeg 5 ml ammonia 4 n toe, schud enige tijd krachtig en laat de lagen zich scheiden. Filtreer de waterige laag door met water bevochtigd filtreerpapier en vang het filtraat op in een klein bekerglas. Voeg kooksteentjes toe, kook het filtraat tot de ammoniak vrijwel is verdwenen, voeg 1 ml kaliumbisulfaat-oplossing 10 % en een stukje witte ontvette wollen draad toe en kook ca 10 minuten. Neem de draad uit de vloeistof en was haar met water. Bij aanwezigheid van in water oplosbare synthetische kleurstof is de draad gekleurd.

b. Reactie op in vet oplosbare synthetische kleurstof en op uit annato bereide kleurstof

Wrijf ca 5 g eierstruif of een overeenkomstige hoeveelheid van een ander eiproduct in een mortier met een mengsel van 15 ml sterke aethanol en 15 ml aether en filtreer door droog filtreerpapier. Voeg aan het filtraat ca 2 g aluminiumoxyde voor chromatographie toe, schud ca 1 minuut krachtig en giet voorzichtig af door een tweede filter van droog filtreerpapier.

Voeg aan het gele filtraat 1 ml natriumnitriet-oplossing 10 % en 2 ml zoutzuur 4 n toe en meng. Indien de vloeistof binnen een minuut rosé, oranje of geel is gekleurd, is in vet oplosbare synthetische kleurstof aanwezig; bij afwezigheid hiervan is de vloeistof binnen een minuut ontkleurd. Was het aluminiumoxyde met 5 ml sterke aethanol en breng het met de wasvloeistof zo volledig mogelijk op het tweede filter. .Was met nog 5 ml sterke aethanol na. Breng met een spatel het aluminiumoxyde over op een porceleinen stippelplaat of schaaltje en laat de aethanol verdampen.

Breng op het poeder twee druppels geconcentreerd zwavelzuur. Indien uit annatto bereide kleurstof aanwezig is, kleurt het poeder zich groen met een blauwe rand; indien zulke kleurstof niet aanwezig is, kleurt het poeder zich bruin met een violette rand.

B. Bacteriologisch onderzoek

B. 1. Bepaling van het aantal kweekbare kiemen (kiemgetal)

in gepasteuriseerde eiproducten

Dit onderzoek berust in beginsel op de bepaling van het aantal kweekbare micro-organismen op een tryptoon-vleesextract-glucose-ondermelkagar-voedingsbodem bij 30 °C.

Vervoer het eiproduct, waarin het aantal kweekbare kiemen moet worden bepaald, zo spoedig en zo koel mogelijk, bij voorkeur in ijsverpakking. Vermeng 1 ml of 1 g van het eiproduct met 49 ml steriele physiologische keukenzoutoplossing (0,9 %) of met steriel, voor bacteriën niet vergiftig leidingwater. Breng in 2 steriele cultuurschalen met een middellijn van 10 cm elk 1 ml van deze verdunning 1 : 50. Verricht het verdere onderzoek, als omschreven in normblad N 1507.

Bereken het aantal kweekbare kiemen per ml of per g.

B. 2. Onderzoek op de aanwezigheid van Salmonella-bacterien

in vloeibare eiproducten

Het onderzoek op de aanwezigheid van Salmonella-bacterien geschiedt na kweken volgens de onder a, b en c beschreven

Sluiten