is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1978, no. 336-360, 01-01-1978

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Artikel 12

Onze Minister is bevoegd nadere voorschriften te geven ter bescherming van de geldcirculatie.

HOOFDSTUK VII. GIRAAL BETALINGSVERKEER

Artikel 13

Onze Minister is bevoegd te bepalen, dat in door hem nader aan te geven gevallen girale voldoening van schulden dezelfde rechtsgevolgen heeft als betaling in wettig betaalmiddel.

HOOFDSTUK VIII. BEPALINGEN INZAKE DE BANK

Artikel 14

De Bank verleent, in afwijking van het bepaalde in artikel 16, eerste lid, van de Bankwet 1948, aan de Staat kredieten of voorschotten in blanco volgens regelen door Onze Minister na overleg met de Bank te stellen, wanneer dit voor een tijdelijke versterking van 's Rijks schatkist nodig is.

Artikel 15

De Bank is bevoegd, in overeenstemming met Onze Minister, tenzij overleg niet mogelijk is, bij het verstrekken van voorschotten bij wijze van belening of in rekening-courant andere waarden in onderpand te nemen dan die bedoeld in artikel 15, sub 6°, van de Bankwet 1948.

Artikel 16

De voorschriften uit hoofde van artikel 17 van de Bankwet 1948 gegeven omtrent de begrenzing van het gezamenlijk bedrag der omlopende bankbiljetten, bankassignatiën en creditsaldi in rekening-courant bij de Bank blijven buiten toepassing.

HOOFDSTUK IX. MORATORIUM LEVENSVERZEKERINGSONDERNEMINGEN, PENSIOEN- EN SPAARFONDSEN

Artikel 17

1. Onze Minister is bevoegd te bepalen, dat het verboden is zonder een door of namens hem verleende algemene of bijzondere vergunning: a. niet-periodieke uitkeringen te doen ingevolge een overeenkomst van levensverzekering of ingevolge verzekering van zodanige uitkeringen door een pensioen- of spaarfonds, zodanige uitkeringen aan te nemen of daarover anders dan door wijziging van de begunstiging te beschikken; b. een overeenkomst van levensverzekering door afkoop te beëindigen, daarop beleningen aan te gaan, de daarin vervatte rechten over te dragen of de daarin vervatte verplichting tot het doen van niet-periodieke uitkeringen om te zetten in de verplichting tot het doen van periodieke uitkeringen. 2. Onder de in het eerste lid, letter a., bedoelde uitkeringen zijn niet begrepen de uitkeringen krachtens overeenkomsten van herverzekering, gesloten tot dekking van verplichtingen tot het doen van periodieke uitkeringen. 3. Met afkoop wordt gelijk gesteld het omzetten van een overeenkomst van levensverzekering in een andere overeenkomst van levensverzekering waarbij de afloopdatum van de verzekering wordt vervroegd.