is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1978, no. 452-500, 01-01-1978

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Jaargang 1978

488

Besluit van 20 september 1978 tot vernietiging van het besluit van burgemeester en wethouders van Hulst van 2 augustus 1977 betreffende het verlenen van vrijstelling van voorschriften van een bestemmingsplan

Wij Juliana, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

Op de voordracht van Onze Ministers van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening van 7 juli 1978, nr. 0707933, Centrale Afdeling Juridische Zaken en van Binnenlandse Zaken van 2 augustus 1978, nr. B78/2213, Directie Binnenlands Bestuur, Afdeling Wetgeving en Bestuurszaken, betreffende het besluit van burgemeester en wethouders van Hulst van 2 augustus 1977, waarbij aan de B.V. Centrale Vuilverwerkende Industrie te Terneuzen vrijstelling is verleend van het bepaalde in artikel 23, eerste lid, van de voorschriften van het bestemmingsplan «Buitengebied» van de gemeente Hulst voor het uitvoeren van werken ter verbetering van de bodemstructuur op het perceel kadastraal bekend gemeente Hulst, sectie M, nr. 332;

Overwegende, dat dit perceel bij bovengenoemd bestemmingsplan is aangewezen voor «landbouw, veeteelt en tuinbouw» en dat ingevolge de bij het plan behorende voorschriften gronden met genoemde bestemming uitsluitend mogen worden gebruikt voor de bedrijfsvoering van al dan niet aan de grond gebonden agrarische bedrijven;

dat artikel 23, eerste lid, van bedoelde voorschriften verbiedt, dat de in het plan begrepen gronden en bouwwerken, nadat de voorgeschreven bestemming is verwezenlijkt, anders dan in overeenstemming met deze bestemming te gebruiken;

dat ingevolge het derde lid van dit artikel burgemeester en wethouders vrijstelling verlenen van het bepaalde in het eerste lid als strikte toepassing leidttot een beperking van het meest doelmatige gebruik, die niet door dringende redenen gerechtvaardigd wordt;

Overwegende, dat blijkens de overwegingen van het desbetreffende besluit van burgemeester en wethouders met de vrijstelling wordt beoogd, op het betrokken perceel de uitvoering van werken ter verbetering van de bodemstructuur mogelijk te maken, ten einde aldus die grond beter geschikt te maken voor akkerbouw;

dat in de aanvraag om vrijstelling echter in het geheel geen gewag wordt gemaakt van het uitvoeren van werken ter verbetering van de bodemstructuur, doch dat blijkens de bewoordingen daarvan uitsluitend wordt beoogd, vrijstelling te verkrijgen voor het tijdelijk onttrekken van de grond aan het agrarische gebruik ten behoeve van het storten van afval, waarvoor de door de Hinderwet vereiste vergunning zou worden gevraagd;

dat uit het besluit van burgemeester en wethouders van 5 juli 1977, waarbij aan de B.V. Centrale Vuilverwerkende Industrie, vergunning is verleend