is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1978, no. 550-600, 01-01-1978

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Artikel 137

1. Geen kind, dat de afdeling voor onaangepaste kleuters heeft bezocht, wordt tot de kernafdeling toegelaten, dan na wederom aan een onderzoek te zijn onderworpen door de commissie, bedoeld in artikel 136. 2. Ter zake van de in het vorige lid bedoelde toelating doet het bevoegd gezag binnen veertien dagen mededeling aan de inspecteur. 3. Geen kind wordt tot de afdeling voor voortgezet buitengewoon onderwijs toegelaten, dan na aan een onderzoek te zijn onderworpen door de commissie, bedoeld in artikel 136. 4. Terzake van de toelatingen, bedoeld in het eerste en derde lid, is artikel 7, derde en achtste lid, van toepassing.

Artikel 138

1. De rijksbijdrage wordt niet verleend voor scholen voor elementair buitengewoon onderwijs, waarvan de kernafdeling minder leerlingen telt dan vierenveertig. 2. In de kosten van een afdeling voor onaangepaste kleuters en van een afdeling voor voortgezet buitengewoon onderwijs wordt geen rijksbijdrage verleend, indien het aantal leerlingen van de afdeling minder bedraagt dan negen. 3. De rijksbijdrage wordt niet verleend voor scholen voor voortgezet buitengewoon onderwijs, waarvan het aantal leerlingen minder beloopt dan achtendertig.

Artikel 139

1. Aan de kernafdeling van de school voor elementair buitengewoon onderwijs wordt naast het hoofd één onderwijzer verbonden, indien het aantal leerlingen ten minste zestien bedraagt. Voor elk vijftiental leerlingen boven de zestien wordt aan die afdeling een onderwijzer meer verbonden. 2. Indien het aantal leerlingen van een afdeling voor onaangepaste kleuters vijftien of minder bedraagt, wordt daaraan één onderwijzer verbonden. Indien het aantal leerlingen van die afdeling ten minste zestien bedraagt, worden daaraan twee onderwijzers verbonden. Voor elk vijftiental leerlingen boven de zestien wordt aan die afdeling een onderwijzer meer verbonden. 3. Artikel 87, derde en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.

Paragraaf 17

Bijzondere bepalingen voor de scholen voor schipperskinderen

Artikel 140

Het leerplan omvat, afgezien, voor wat het bijzonder onderwijs betreft, van de vakken die verband houden met de richting, ten minste de vakken, in artikel 2 der Wet vermeld onder a tot en met k en r. Aan het leerplan kan voorts het vak, genoemd in artikel 2 der Wet, onder w, worden toegevoegd.

Artikel 142 2

Tot de school worden alleen toegelaten schipperskinderen die voor het ontvangen van onderwijs aan de wal zijn gehuisvest.

Artikel 143

De leerlingen moeten de school verlaten na afloop van het schooljaar waarin zij de leeftijd van vijftien jaar hebben bereikt.

2 Art. 141 is vervallen bij Koninklijk besluit van 22 december 1976 (Stb, 764).