is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1979, no. 151-190, 01-01-1979

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Artikel 12

1. Onze Minister is bevoegd de gegevens en stukken, die door hem op grond van artikel 10 of enige andere wettelijke regeling zijn verkregen, ter beschikking te stellen van het Secretariaat bedoeld in artikel 59 van de Overeenkomst, voor zover zulks ter voldoening aan artikel 27, 32 of 33 van de Overeenkomst is vereist. 2. Onze Minister is voorts bevoegd de gegevens of stukken, de beschikbaarheid of voorwaarden van beschikbaarheid van aardolieprodukten betreffende, die door hem op grond van artikel 10 of enige andere wettelijke regeling zijn verkregen, ter beschikking te stellen van enig ander volkenrechtelijk orgaan, voor zover zulks ter voldoening aan een op Nederland rustende verplichting ingevolge een andere internationale overeenkomst of een besluit van een volkenrechtelijke organisatie is vereist.

§5. BEROEP

Artikel 13

1. Tegen een beschikking, genomen op grond van artikel 3, eerste lid, 4, eerste lid, 5, tweede lid, 6, eerste lid, 8 of 11, eerste lid, of van artikel 9 juncto artikel 3, eerste lid, 4, eerste lid, 5, tweede lid, 6, eerste lid, of 8, kan degene, die daardoor rechtstreeks in zijn belang is getroffen, beroep instellen bij het College. 2. Behoudens voor zover daarvan in deze wet is afgeweken zijn de artikelen 3 en 5 en de titels IV en V van de Wet administratieve rechtspraak bedrijfsorganisatie (Stb. 1954, 416) van overeenkomstige toepassing.

Artikel 14

Voorzover in de benoeming van bijzondere leden van het College met het oog op de toepassing van artikel 13 niet kan worden voorzien uit in artikel 13 van de Wet administratieve rechtspraak bedrijfsorganisatie bedoelde voordrachten, kunnen zodanige leden door Ons op voordracht van Onze Minister van Justitie en Onze Minister anders dan uit eerstbedoelde voordrachten voor de tijd van 4 jaar worden benoemd. Te hunnen aanzien is artikel 14, derde lid, van genoemde wet van overeenkomstige toepassing.

Artikel 15

1. De artikelen 58-60 van de Wet administratieve rechtspraak bedrijfsorganisatie zijn niet van toepassing. 2. Het College kan een beschikking vernietigen. Een vernietiging werkt van het tijdstip af, waarop zij wordt uitgesproken. 3. Indien het beroep tegen de afwijzing van een verzoek of tegen het niet op een daartoe overeenkomstig deze wet gedaan verzoek vaststellen van een beschikking gegrond wordt verklaard, kan het College een termijn vaststellen, binnen welke Onze Minister wederom, onderscheidenlijk alsnog op het verzoek zal beschikken.

§6. AMBTELIJKE BEVOEGDHEDEN

Artikel 16

1. Onze Minister wijst ambtenaren aan, belast met het inwinnen van gegevens in het belang van de uitvoering van paragraaf 3 of met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens deze wet bepaalde. 2. Een krachtens het eerste lid vastgestelde beschikking wordt in de Staatscourant bekendgemaakt.