is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1979, no. 151-190, 01-01-1979

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Artikel 17

De krachtens artikel 16 aangewezen ambtenaren kunnen van de in artikel 10, tweede lid, bedoelde natuurlijke personen en rechtspersonen alle inlichtingen verlangen, die redelijkerwijs voor de vervulling van hun taak nodig zijn. Zij kunnen voorts van de in artikel 10, tweede lid, bedoelde natuurlijke personen en rechtspersonen inzage vorderen van boeken en andere zakelijke bescheiden en daarvan afschrift nemen, een en ander voor zover dat redelijkerwijs voor de vervulling van hun taak nodig is.

Artikel 18

De krachtens artikel 16 aangewezen ambtenaren zijn bevoegd alle plaatsen, met uitzondering van woningen, te betreden, voor zover dit redelijkerwijs voor de vervulling van hun taak nodig is. Zo nodig verschaffen zij zich toegang met behulp van de sterke arm.

Artikel 19

1. De krachtens artikel 16 aangewezen ambtenaren zijn bevoegd goederen aan een onderzoek en aan een opneming te onderwerpen en daarvan monsters te nemen, een en ander voor zover dit redelijkerwijs voor de vervulling van hun taak nodig is. 2. De genomen monsters worden, voor zover mogelijk, aan de rechthebbende op de goederen teruggegeven.

Artikel 20

De krachtens artikel 16 aangewezen ambtenaren zijn bevoegd zich door andere ambtenaren, die daartoe door hen zijn aangewezen, te doen vergezellen, voor zover dit redelijkerwijs voor de vervulling van hun taak nodig is.

Artikel 21

1. leder is verplicht aan de krachtens artikel 16 aangewezen ambtenaren alle medewerking te verlenen, welke redelijkerwijs voor de uitoefening van de hun bij de artikelen 17-20 verleende bevoegdheden nodig is. 2. Zij, die uit hoofde van hun stand, beroep of ambt tot geheimhouding verplicht zijn, kunnen zich verschonen van het geven van inlichtingen, doch uitsluitend voor zover betreft hetgeen hun in hun hoedanigheid is toevertrouwd. Zij kunnen voorts de inzage van bescheiden en het verlenen van medewerking weigeren, voorzover hun plicht tot geheimhouding zich daartoe uitstrekt.

§7. SLOTBEPALINGEN

Artikel 22

Buiten de gevallen, bedoeld in artikel 12, wordt informatie, verkregen op grond van deze wet, voor zover deze betrekking heeft op afzonderlijke natuurlijke personen of rechtspersonen, dan wel daaruit gevolgtrekkingen ten aanzien van zodanige personen kunnen worden gemaakt, zonder toestemming van die personen niet verstrekt aan anderen dan degenen, die belast zijn met de uitvoering van een of meer bepalingen van deze wet.

Artikel 23

De Wet op de economische delicten' wordt als volgt gewijzigd: