is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1979, no. 191-230, 01-01-1979

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

loop van de daarbij gestelde termijn, doet het dagelijks bestuur van Rijnmond aan Gedeputeerde Staten het ontwerp van een besluit omtrent goedkeuring van een bestemmingsplan toekomen. Gedeputeerde Staten kunnen binnen een maand nadat het ontwerp van een besluit aan hen is verzonden, aanwijzingen geven in verband met hun toezicht op de financiën der gemeenten. Het dagelijks bestuur neemt deze aanwijzingen bij zijn besluit omtrent goedkeuring van een bestemmingsplan in acht. Het dagelijks bestuur en Gedeputeerde Staten zenden van het ontwerp van een besluit omtrent goedkeuring onderscheidenlijk van de aanwijzing een afschrift aan de raad van de betrokken gemeente. 3. Het dagelijks bestuur van Rijnmond neemt een besluit omtrent goedkeuring van een bestemmingsplan na afloop van de termijn, genoemd in de tweede volzin van het tweede lid. Van zijn besluit zendt het dagelijks bestuur een afschrift aan Gedeputeerde Staten. 4. Het bepaalde in artikel 28, vijfde en zesde lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening is op een besluit als bedoeld in het derde lid van toepassing na afloop van een maand na verzending van het afschrift van dat besluit, tenzij het geval van het vijfde lid van dit artikel zich voordoet. 5. Indien het dagelijks bestuur van Rijnmond bij zijn besluit omtrent goedkeuring van een bestemmingsplan de aanwijzingen van Gedeputeerde Staten als bedoeld in het tweede lid niet in acht neemt, nemen Gedeputeerde Staten binnen een maand na verzending van het afschrift als bedoeld in het derde lid met toepassing van de Wet op de Ruimtelijke Ordening een besluit omtrent goedkeuring overeenkomstig hun aanwijzing. Daarbij treedt het besluit van Gedeputeerde Staten in de plaats van het besluit van het dagelijks bestuur.

H. Artikel 29 wordt gelezen:

I. Ten behoeve van het overleg over zaken betreffende de ruimtelijke ordening, is er een planologische commissie Rijnmond. Deze commissie dient voorts het bestuur van het openbaar lichaam van advies over de uitvoering van de taken op het gebied van de ruimtelijke ordening, in deze paragraaf genoemd. 2. De voorzitter, de leden en de secretaris der commissie worden door het dagelijks bestuur van Rijnmond benoemd. De inspecteur van de ruimtelijke ordening binnen wiens ambtsgebied het gebied van het openbaar lichaam ligt, is ambtshalve lid van de commissie. 3. Wij geven bij algemene maatregel van bestuur voorschriften omtrent de samenstelling der commissie. 4. Het dagelijks bestuur van Rijnmond kan nadere voorschriften geven omtrent de taak en de werkwijze der commissie. Het kan bepalen, dat bepaalde bevoegdheden van de planologische commissie Rijnmond worden uitgeoefend door subcommissies. I. Artikel 30, eerste lid, wordt gelezen: 1. De raad van Rijnmond is bevoegd, voor zover het belang van het gebied van het openbaar lichaam zulks vordert, richtlijnen vast te stellen met betrekking tot de volgende onderwerpen: a. de aanleg, de inrichting en het beheer van havens en de daarbij behorende bedrijfsterreinen; b. de vestiging van bedrijven; c. de woningbouw; d. de openlucht-recreatie; e. de aanleg en verbetering van land- en waterwegen; f. het verwerven, beheren, bouwrijp maken en uitgeven van gronden in verband met de onder a-e genoemde onderwerpen; g. de toepassing van de Woonruimtewet 1947; h. de oeververbindingen; i. het verkeer en vervoer; j. de zorg voor de milieuhygiëne; k. de gezondheidszorg; l. het openbaar voortgezet onderwijs en het schoolbegeleidingswerk; m. de bevordering van de werkgelegenheid;