is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1979, no. 191-230, 01-01-1979

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2. Op het in het eerste lid bedoelde bedrag keert de gemeente, zo spoedig mogelijk nadat de gemeenteraad het overschrijdingsbedrag per leerling voorlopig heeft vastgesteld, een voorschot uit aan de in dat lid bedoelde bijzondere scholen. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd tijdens het betrokken vijfjarige tijdvak op verzoek van en na overleg met de besturen van de betrokken bijzondere scholen, jaarlijks een deel van het naar verwachting te betalen voorschot in mindering hierop uit te keren. 3. Indien het definitief vastgestelde bedrag dat van het uitgekeerde voorschot overtreft betaalt de gemeente het verschil aan het bestuur van de bijzondere school uit. Indien het bedrag van het uitgekeerde voorschot het definitief vastgestelde bedrag overtreft stort het bestuur van de bijzondere school het verschil in de kas der gemeente terug.

D

In artikel 90, eerste lid, worden de woorden «de artikelen 85 en 87» vervangen door: artikel 86. De woorden «artikel 86, eerste lid, en artikel 87, derde lid» worden vervangen door: artikel 86.

In artikel 90, tweede lid, worden de woorden «artikel 85 of artikel 87, eerste lid» vervangen door: artikel 85 of artikel 86, tweede lid onder c.

E

Artikel 91 wordt gelezen als volgt:

Artikel 91

De besluiten tot vaststelling van de bedragen, bedoeld in de artikelen 85 en 86, tweede lid onder c, alsmede de wijze waarop deze bedragen worden vastgesteld, worden in de Nederlandse Staatscourant bekend gemaakt.

ARTIKEL II

1. In afwijking van de artikelen 88 en 89 van de Wet op het voortgezet onderwijs stelt de raad van een gemeente, die gedurende het tijdvak van 1 januari 1969 tot 1 januari 1974 uitsluitend een gymnasium en/of een of meer scholen voor m.a.v.o. in stand heeft gehouden, voor de periode, waarin dat het geval is geweest, voor 1 maart 1978 voorlopig vast: a. het bedrag, dat de gemeente voor die school of voor die scholen ter zake van de exploitatiekosten heeft uitgegeven; b. het bedrag dat met toepassing van de artikelen 85 en 86 of van artikel 87 over die periode voor die school of voor die scholen door het Rijk beschikbaar werd gesteld; c. indien de som, bedoeld onder a, de som, bedoeld onder b, overschrijdt, het bedrag der overschrijding, gedeeld door het gemiddelde van de aantallen leerlingen van die school of van die scholen over die periode, berekend naar de toestand op 1 september van elk jaar. 2. In het eerste lid wordt onder school voor m.a.v.o. tevens verstaan een scholengemeenschap m.a.v.o.-l.b.o., waarvan de exploitatiekosten worden vergoed volgens artikel 87 van de Wet op het voortgezet onderwijs. 3. Na sluiting van de rekening der gemeente door gedeputeerde staten stelt de gemeenteraad de in het eerste lid bedoelde bedragen in overeenstemming met de in deze rekening opgenomen uitgaven definitief vast, indien de voorlopige vaststelling wijziging moet ondergaan. Is dit laatste niet het geval, dan wordt door het besluit van gedeputeerde staten de voorlopige vaststelling definitief. 4. Afschriften van de in dit artikel bedoelde besluiten van de gemeenteraad worden binnen veertien dagen toegezonden aan de besturen der in de gemeente gevestigde overeenkomstige bijzondere scholen. Binnen dertig