is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1979, no. 401-450, 01-01-1979

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ArtiKei zö

De artikelen 56 tot en met 58 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande, dat de rechter de kosten geheel of ten dele kan compenseren.

HOOFDSTUK VI A

Artikel 28a

1. Wij kunnen bij algemene maatregel van bestuur a. gemeenten of gedeelten van gemeenten aanwijzen waarin het bepaalde in Hoofdstuk II, de artikelen 11 en 12 en de Hoofdstukken IV—VI, met uitzondering van de artikelen 26a, 27, eerste en tweede lid en 28 niet van toepassing is; b. gemeenten of gedeelten van gemeenten aanwijzen waarin de onder a genoemde voorschriften niet van toepassing zijn ten aanzien van bij die algemene maatregel van bestuur aan te wijzen categorieën van gebouwd onroerend goed of gedeelten daarvan, waarvan de -op de dag, voorafgaande aan de dag van inwerkingtreding van bedoelde algemene maatregel van bestuur, ingevolge deze wet geldende - huurprijs een bij die algemene maatregel van bestuur te bepalen bedrag overschrijdt. 2. Een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het eerste lid, onder a, wordt niet uitgevaardigd voordat de betrokken gemeenteraad is gehoord. 3. Een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het eerste lid treedt niet eerder in werking dan twee maanden na de dagtekening van het Staatsblad waarin Ons besluit is geplaatst.

Artikel 28b

1. In de gemeenten of gedeelten van gemeenten ten aanzien waarvan artikel 28a, eerste lid, toepassing heeft gevonden is de huurprijs van gebouwd onroerend goed dan wel van de in dat artikel bedoelde categorieën van gebouwd onroerend goed; a. indien het betreft een woning of een gedeelte daarvan; de huurprijs op de dag, voorafgaande aan de dag van inwerkingtreding van bedoelde algemene maatregel van bestuur, tenzij partijen nadien anders overeenkomen; b. indien het betreft een gebouwd onroerend goed, niet zijnde een woning, of een gedeelte daarvan: de huurprijs, die partijen zijn overeengekomen of zullen overeenkomen. 2. Voor de toepassing van dit Hoofdstuk is het bepaalde in artikel 3, zesde lid van overeenkomstige toepassing.

Artikel 28c

1. Inde gemeenten of gedeelten van gemeenten ten aanzien waarvan het bepaalde in artikel 28a, eerste lid, onder a, toepassing heeft gevonden is na het einde van de huur en verhuur dan wel van de bevoegdheid om krachtens huurbescherming in het genot te blijven van een gebouwd onroerend goed of een gedeelte daarvan de verplichting van de gewezen huurder om tot ontruiming over te gaan, van rechtswege geschorst. Deze schorsing eindigt twee maanden na het tijdstip waartegen de ontruiming is aangezegd. De aanzegging geschiedt bij deurwaardersexploit of bij aangetekende brief, waarvoor een bericht van ontvangst wordt verlangd; zij kan eerst geschieden na de inwerkingtreding van de in artikel 28a, eerste lid, bedoelde algemene maatregel van bestuur. 2. Het bepaalde in het eerste lid geldt niet voor de gewezen huurder, die zelf de huurovereenkomst heeft opgezegd, uitdrukkelijk in de beëindiging daarvan heeft bewilligd of veroordeeld is tot ontruiming wegens niet-nako-