is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1979, no. 401-450, 01-01-1979

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK V

De centrale ondernemingsraden en de groepsondernemingsraden Artikel 33

1. Een ondernemer die meer dan één ondernemingsraad heeft ingesteld waarop de bepalingen van deze wet van toepassing zijn, kan voor de betrokken ondernemingen, naast de voor die ondernemingen ingestelde ondernemingsraden, een centrale ondernemingsraad instellen. De betrokken ondernemingsraden worden over de instelling van een centrale ondernemingsraad gehoord. Bij bezwaar van de meerderheid van de betrokken ondernemingsraden beslist de bedrijfscommissie. 2. De ondernemer kan voorts voor een groep van de betrokken ondernemingen een groepsondernemingsraad instellen. De betrokken ondernemingsraden worden over de instelling van de groepsondernemingsraad gehoord. Bij bezwaar van een of meer van de betrokken ondernemingsraden beslist de bedrijfscommissie. 3. De ondernemer is verplicht een centrale ondernemingsraad of een groepsondernemingsraad in te stellen wanneer de meerderheid van de betrokken ondernemingsraden de wens daartoe te kennen geeft. Bij bezwaar van de ondernemer alsmede, voor wat betreft de groepsondernemingsraad, bij bezwaar van een of meer van de betrokken ondernemingsraden beslist de bedrijfscommissie. 4. De voorgaande leden zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van twee of meer in een groep verbonden ondernemers, die te zamen twee of meer ondernemingsraden hebben ingesteld waarop de bepalingen van deze wet van toepassing zijn.

Artikel 34

1. Een centrale ondernemingsraad bestaat uit leden, gekozen door de betrokken ondernemingsraden uit de leden van elk van die raden. Voor ieder lid kan een plaatsvervanger worden gekozen, die dezelfde rechten en verplichtingen heeft als het lid dat hij vervangt. 2. Indien een of meer groepsondernemingsraden zijn ingesteld, kan de centrale ondernemingsraad in zijn reglement bepalen, dat die raad, in afwijking van het bepaalde in het eerste lid, geheel of ten dele zal bestaan uit leden, gekozen door de betrokken groepsondernemingsraden uit de leden van die raden. Voor ieder aldus gekozen lid kan een plaatsvervanger worden gekozen, die dezelfde rechten en verplichtingen heeft als het lid dat hij vervangt. 3. Het aantal leden dat uit elke ondernemingsraad of groepsondernemingsraad kan worden gekozen, wordt vastgesteld in het reglement van de centrale ondernemingsraad. Het reglement bevat voorts voorzieningen dat de verschillende groepen van de in de betrokken ondernemingen werkzame personen zoveel mogelijk in de centrale ondernemingsraad vertegenwoordigd zijn. De betrokken ondernemingsraden of groepsondernemingsraden worden over de vaststelling van de betrokken bepalingen van het reglement gehoord. 4. Een centrale ondernemingsraad kan in zijn reglement bepalen dat van die raad, behalve de in het derde lid bedoelde leden, ook deel kunnen uitmaken vertegenwoordigers van ondernemingen die door de in artikel 33 bedoelde ondernemer of ondernemers in stand worden gehouden, maarten aanzien waarvan geen verplichting tot het instellen van een ondernemingsraad geldt. De centrale ondernemingsraad regelt in zijn reglement het aantal en de wijze van verkiezing van de bedoelde vertegenwoordigers. 5. Wanneer een lid van een centrale ondernemingsraad of zijn plaatsvervanger ophoudt lid te zijn van de ondernemingsraad of van de groepsonder-