is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1979, no. 652-680, 01-01-1979

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3. De directie kan ambtshalve een bijdragegrondslag vaststellen, wijzigen of intrekken. De directie stelt het orgaan hiervan zo spoedig mogelijk in kennis.

Pensioenbijdrage

Artikel C 3

1. leder lichaam is een pensioenbijdrage aan het fonds verschuldigd. 2. De pensioenbijdrage bedraagt 22 percent van de som der bijdragegrondslagen. 3. Indien een actuariële balans als bedoeld in artikel L 15 daartoe aanleiding geeft, wordt het percentage van de pensioenbijdrage bij de wet gewijzigd met ingang van een daarbij te bepalen datum, die niet mag voorafgaan aan de balansdatum. 4. Indien in een of meer der grondslagen voor de vaststelling van het percentage van de verschuldigde pensioenbijdrage een zodanige verandering plaatsvindt dat te verwachten is, dat op grond van de eerstvolgende actuariële balans dit percentage een belangrijke wijziging zal ondergaan, wordt het percentage bij de wet voorlopig gewijzigd. Deze voorlopige wijziging gaat in met een daarbij te bepalen datum en geldt tot de datum waarop de eerstbedoelde wijziging zal kunnen ingaan. Zij komt overeen met hetgeen in verband met de bovengenoemde verandering der grondslagen nodig wordt geacht.

Betaling pensioenbijdrage

Artikel C4

1. leder orgaan betaalt aan het fonds voor het einde van elke maand de pensioenbijdrage over de voorafgaande maand. 2. De directie is bevoegd ter zake van de betaling van de pensioenbijdragen voor bepaalde organen of groepen van organen een afwijkende regeling te treffen. 3. Wij behouden Ons voor bij algemene maatregel van bestuur regelen te stellen volgens welke het lichaam aan het fonds rente verschuldigd is over bedragen die, beoordeeld naar het tijdstip bedoeld in het eerste lid, te laat of te weinig zijn voldaan.

Artikel C 5 (vervallen)

Betaling wachtgeldtijdbijdrage

Artikel C 6

1. leder lichaam is jaarlijks een bijdrage aan het fonds verschuldigd voor hem die ten laste van het lichaam dat jaar recht heeft op wachtgeld en als wachtgelder ambtenaar is (wachtgeldtijdbijdrage). 2. De wachtgeldtijdbijdrage wordt geheven over de bijdragegrondslag; als zodanig geldt het ambtelijk inkomen waarnaar het wachtgeld is berekend. Indien de betrokkene als ambtenaar in de dienstverhouding, waaruit hij met recht op wachtgeld is ontslagen, recht zou hebben gehad op een uitkering ineens, die tot het ambtelijk inkomen zou hebben behoord, en deze omstandigheid niet leidt tot verhoging van het ambtelijk inkomen, waarnaar het wachtgeld is berekend, wordt laatstbedoeld ambtelijk inkomen voor de toepassing van de vorige volzin dienovereenkomstig verhoogd. 3. Deze bijdrage beloopt de helft of een vierde van het in artikel C 3, tweede lid, genoemde percentage van de bijdragegrondslag, al naar gelang de met recht op wachtgeld doorgebrachte tijd voor de helft dan wel voor een vierde gedeelte als diensttijd medetelt. Voor zover de met recht op wacht-