Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Rika is de figuur, die het geheele boek vult en , met scherp doordringen heeft de schrijfster haar geteekend, de wilde natuur, in wie de hartstochten zieden als met oerkracht, die karakter is het gansche werk door. Alles is ongetemd en ongebreideld in haar. Vrucht van hartstocht woedt de passie ook later in haar. Groot geworden op het land zonder eenige opvoeding is alles natuur in haar. Het goede in haar is als adertjes goud, die bevrijd moeten worden van vuil. Geen schavende hand verzachtte het ruwe in haar. Geen milde leiding breidelde de krachten in haar, zoodat ze haar zelf meesleepen.

Een arm menschekind, dat ten onder moest gaan, omdat niemand haar de hand tot steun reikte, ten minste niet op die wijze, dat haar hartstochtelijk temperament kracht in de hulp speurde.

Een beklemmend, maar een waar boek; een beangstigende studie, waarin het hait van de meevoelende, het leven-beschouwende schrijfster klopt.

Ida H.

* *

Dr. J. Ph. Elias, Arts, De Sociale roeping van den Schoolarts, W. N. J. van Ditmar, Botterdam.

Dit ernstige en'; welsprekende betoog verdient een zeer groote verspreiding. Als men zoo iets leest, heeft men moeite het zichzelf weer duidelijk te maken, dat er aldus nog gepleit moet worden voor onze';scholen;'in onzen tijd; medisch toezicht voor kinderen is noodig, opdat er in de school geen ziekten" zullen ontstaan of verergeren, opdat er een gezond'menschengeslacht gevormd worde. En met klem van redenen moet dit nog betoogd worden! Men krijgt] echter !ook den indruk bij het heldere pleidooi van [dr. Elias, dat het de laatste bijlslagen

™ 'r/iin Hifi WfifirklinkfiTl VOOf dfi Vestinff

<jp VlCi pwm ^ *->

van het onverstand en het gemis aan zorg genomen wordt. Zoo heel overtuigend toch toont de schrijver

aan^.dat de scnooiarts onmisoaar is en er uuoi uem zoo'l'heel veel voorkomen kan worden. Ik wensch daarom, ik herhaal het, dit boekje een zeer groote verspreiding toe, want hoe meer de publieke meening bewerkt wordt, hoe spoediger de schoolarts al onze Nederlandsche scholen binnentreden zal.

Ida H.

Ch. Keienen, Uit het leven. Leesboek voor de lagere school. Tweede stukje, geïllustreerd, Haarlem, Vincent Loosjes.

Dit tweede deeltje zet voort wat het eerste beloofde Ook dit brengt aardige frissche stukjes, door een liefdevol waarnemer van het kinderleven verteld.

Een paar vragen slechts of opmerkingen, hoe men het opvatten wil.

Ik hoop, dat bij het versje De twee visschers, de onderwijzer er zijn volkje wijzen zal op het wreede van visschen, dat alleen als vermaak wordt opgevat.

Bij de lesjes Op reis vraag ik mij af of een vrouw, die van buiten komt, naar de stad zal gaan om eieren te koopen. Me dunkt die kan ze beter en dichter bij huis krijgen.

En als het tot een nieuwen druk komt, — en dien krijgen we zeker, — hoop ik, dat de schrijver op blz. 61 in Zusje's verjaardag niet meer Jij brutale vlegel.tegen zijn heel kleine zoontje zal zeggen. Er was een tijd dat ook ik in de spreektaal van een kinderboek zoo iets zou neergeschreven hebben, want zeker het is soms de weergave van het werkelijke leven. Maar al lang houd ik de uitdrukkingen in mijn pen, al klinken ze soms in mijn oorèn.

Het kind leert gauw genoeg ruwheid. Als het niet anders kan, als we de werkelijkheid geweld aandoen, wanneer we het ruwe niet weergeven, laten we" dan neerschrijven wat het oor ons vanzelf dicteert. Schelden zal altijd schelden moeten blijven. Maar een liefhebbend vader kan ook^m een boekje, naar het leven geteekend, zijn zoontie wat anders toeroepen!

ik ton oiwoor nifit canw senoea herhalen.

lUrtai ïxv aau t»" — o «-* .

dat het boekje overigens allerliefst is. Het is een

pleizier met den neer trienen naai junuciou lc luisteren, ze te bespieden in hun naieve doen.

En d° wersjes zijn ook neei aaiuig gwmuöuociu. TT rvArl nr\ni or Hikt Ho7.fi sarin een nrettiee aanwinst

Ï wuuvf'b A j i i •

naast die van Ligthart en Scheepstra en de boekjes

van Van der Meuien.

ida n.

Berichten.

Het bestuur van het „Tehuis voor werkende vrouwen', voormalig ,.Huis en Haard", Laan van Nieuw Oost-Indië 14, den Haag, wenscht ter kennis van belangstellenden te brengen, de resultaten van het vierde jaar. Het aantal betalende inwonenden en logées bedroeg 140 met 7225 pensiondagen en een gemiddelde van bijna 20 inwonenden per dag. De ontvangsten bedroegen f10271,—, de uitgaven f 10119,05l/s, terwijl voor voedingsgrondstoffen werd uitgegeven f5354,86>/2- .

De directie kon aan hare verplichtingen voldoen en voor huur van huis en inboedel een bedrag van f1850,— afdragen, terwijl nog voor het reservefonds f239.05 kon worden ter zijde gelegd.

Het aantal personen, dat in den loop van 190o het Tehuis bezocht, bestond uit 28 vaste inwoonsters en 112 logées, weder te verdeelen in 60 werkende, 9 rustende, 14 leerlingen, 19 voor examen en 38 ambtelooze vrouwen. Met het doel van de inrichting voor oogen, zag de directie met genoegen het aantal examencandidaten klimmen van 7 tot 19.

Ofschoon de zomervacanties minder logées brachten, dan verwacht mocht worden, ziet de directie toch met tevredenheid op het afgeloopen jaar terug,

en daar de toestand op nei oogenun*. aeoi suu»u» is te noemen, gaat zij met vertrouwen het laatste proefjaar in, daarbij het Tehuis met warmte aanbevelend in de belangstelling van haar, voor wie het werd opgericht.

Prospectus en volledige inlichtingen zyn op aanvrage gaarne b\j de directie te verkrijgen.

Den Haag, Maart 1906.

Bizondere aanbieding aan onze lezers.

De Uitgevers-Vereeniging „Vrede" te 's-Gravenhage stelt op verzoek van de samenstelster aan onze lezers tot 1 Mei a.s. voor zeer verminderde prijs verkrijgbaar: het bij haar verschenen boek „Oude en nieuwe Kennissen, bijeen verzameld door mevr. C. Van der Hucht.'

Na rechtstreeksche toezending aan bovengenoemd adres te 's-Gravenhage, Paviljoensgracht 30, van f 0.30 of f 0.60, ontvangt men een ingenaaid ot gebonden exemplaar franco thuis. ^ oorwaarden voor groote aantallen ter uitdeeling vrage men nader aan.

Het boekje is in hoofdzaak bestemd voor scholen, Zondagscholen, clubjes van den Ned. Kinderbond en verder voor alle ouders en opvoeders, die er allicht iets van hun gading in zullen vinden.

De heer B. Bijmholt zegt over dit boekje in De Amsterdammer: „Ik heb uit dezen bundel heel wat aan de leerlingen mijner klasse verteld. Deze vertellingen vielen bij de kinderen zeer in den

smaak. „

En ook hier weer een streven om alleen mooie en edele gedachten tot de kinderen te brengen.

Voor de zenuwzieke onderwijzeres.

X. te R. f10. Te zamen met het verantwoorde f 300.05.

Drukkers-Uitgevers MASEREEUW & BODTEN, Rotterdam.

Sluiten