is toegevoegd aan uw favorieten.

De proletarische vrouw; blad voor arbeidsters en arbeidersvrouwen, jrg 34, 1939, no 1220, 01-02-1939

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BINNENHOF

Duisternis

Steeds donkerder wordt de toestand in het hedendaagse Europa. Toen we in September de dagen van hoogspanning beleefden en na de bijeenkomst te München de vrede z.g.n. gered was, wisten we maar al te goed, dat we verder van de vrede verwijderd waren dan ooit.

Want bulderde niet op hetzelfde ogenblik, dat „de grote vier" elkaar toedronken en de hand schudden op het behoud van de vrede in het ongelukkige Spanje het kanon van Franco? Franco, de Spaanse opstandeling tegen de wettig gekozen democratische regering; is hij niet de vriend van Mussolini en Hitier? En zou Franco wel ooit zijn successen hebben bevochten, indien Duitsland en Italië hem daarbij geen sterke steun hadden geboden?

Na de dagen van München heeft zich het treurspel in Spanje voortgezet niettegenstaande de roerende liefdesverklaringen van Hitier en Mussolini aan de vrede.

Het drama is bijna ten einde; misschien reeds geheel, als deze regelen u bereiken.

En geen wonder zal het zijn, als somberheid en benauwenis de aanhangers der democratie besluipen bij deze catastrophe. Menigeen vraagt zich met steeds groter beklemming af: Wat zal hiervan het einde zijn?

Weinigen zullen het wagen, een positieve voorspelling te geven, en zeer stellig zullen eventuële voorspellingen weinig hoopvol zijn. Wij menen trouwens, dat het niet goed is, de omstandigheden optimistischer voor te stellen, dan zij in werkelijkheid zijn.

Maar dat er daarom reden tot wanhoop is, geloven wij niet Wij vinden voor ons geloof altijd weer grond in de historie. De historische ontwikkelingsgang der mensheid, van de grijze oudheid af, is vol van strijd en moeilijkheid. Opstand en onderdrukking volgen elkaar afwisselend op en voortdurend is de mensheid gekomen in een nieuwe phase van ontwikkeling. Uit de tijden van lijfeigenschap en horigheid kwamen de Middeleeuwen voort; na de Middeleeuwen met de opperste heerschappij van vorst, adel en geestelijkheid volgde de Franse revolutie, die met haar idealistische roep: vrijheid, gelijkheid en broederschap het ganse Westelijk Europa beroerde. Van de idealen van broederschap, zoals wij ons dat in Socialistische zin denken, bleef weinig over na de Franse revolutie. De grote verandering was, dat niet meer de adel en geestelijkheid de boventoon voerden in de maatschappij, maar dat de bourgoisie aan bod kwam. Een bourgeoisie, die zich als enig doel gesteld had: Geld vergaren, kapitaal vormen. Dat is het begin geweest van het kapitalistisch tijdperk,

waarin wij nu deze ontzettende tijden beleven.

Maar de mensen, die het kapitalistisch stelsel hebben bestudeerd, weten ook, dat dit, gelijk het vorige middeleeuwse, ten onder zal gaan.

Grote geleerden als Marx en Engels, de grondleggers van het wetenschappelijk socialisme hebben juist uit de historische gang van de economische verschijnselen afgeleid, det er steeds verandering van maatschappijvorm optreedt, en een zeer belangrijke ontdekking daarbij is, dat de strijd steeds gaat om de macht over de arbeid, omdat de arbeid de schepper is van alle rijkodm.

Om dit alles kunnen wij in tijden van duisternis niet wanhopen.

Wij geloven op wetenschappelijke gronden in een maatschappij vorm, waar de werkers zelf de macht over de arbeid zullen hebben. Wij geloven in het eeuwig goede en rechtvaardige in de mens, waardoor het nooit mogelijk zal zijn, gehele volken durend in knechtschap en vernedering te houden.

VOOR DE HUISVROUW

Houtluis

Een dringende vraag van partijgenote L. G.—M. dwingt om antwoord, zodat we de vereenvoudiging der huishouding één week zullen uitstellen. Zij heeft last van houtluisjes, die uit het hout komen en zich snel verspreiden en die denkelijk hun sporen in het hout wel zullen nalaten.

Ik heb er de geleerde boeken eens op nageslagen en kan maar drie ware vijanden van het hout ontdekken, n.1. schimmel, houtworm en paalworm.

Denkelijk zal zij de houtworm bedoelen. Deze is een doodsvijand voor alle soorten hout en kan het totaal vernielen. Ze boren zich in het hout, doorgx-aven het met hun gangen en kunnen de meubels zo aantasten, dat ze totaal verpulveren en uit elkaar vallen." Wanneer ge ergens een hoopje houtpoeier te voorschijn ziet komen, wees dan op uw hoede, want ze verspreiden zich snel en kunnen het hele meubilair aantasten, onverschillig of het nieuw, oud, dik, gelakt of gepolitoerd of in de was gezet hout is. Ze leeft vooral in hout op slecht verlichte en slecht geventileerde plaatsen. De antiquairs zijn er vuur-bang voor, daar het voor de hand ligt, dat ze gemakkelijk in oude meubelen, die overal rondgezworven hebben, voorkomen.

Er is maar één afdoend middel tegen en wel: Het hout grondig inwrijven en in hoeken en naden zonodig inspuiten, — snijwerk inborstelen, met petroleum. Is het erg, dan na een paar uur nog eens opnieuw een bad geven. Door de petroleumdampen gaat het beestje dood. Men doet het beste het meubel een week of langer op een zolder, of in een schuur te laten staan, daar de petroleumlucht

Wij geloven in het eeuwig menselijke, dat éénmaal triumpheren moet over de tijden van barbarij die, misschien nóg duisterder dan nu, zullen heersen.

En wij menen, dat het onze plicht is, dat geloof staande te houden en te verbreiden, trots deze verstikkende duisternis.

H. W. .

Vredes-brochure

Naar aanleiding van het artikel van H. W. in het vorige nummer, verzoekt men ons te melden, dat de bedoelde brochure van mevr. J. Luber te verkrijgen is bij het Centraal Vredesbureau, L. van Meerdervoort 14, Den Haag. Per stuk 3 cent; bij afname van 10 of meer exemplaren 20 pet. korting.

CORRESPONDENTIE

B. B.—v. B. te H. — Zeer velen keuren het door u bedoelde geschrijf sterk af.

in de huiskamer zeker niet geliefd zal zijn. De petroleum zelf kan het hout niet beschadigen, tast ook kleur, lakwerk, politoer en beits niet aan.

Petroleum doodt elk ongedierte. Het kan zijn dat partijgenote L. G.—M. geen houtwormen bedoelt, maar kleine witte kruipertjes, die men vooral in de zomer wel op bedompte plaatsen tegenkomt, zowel in voedingsmiddelen als tussen kleding en voorwerpen. Deze zijn niet schadelijk. Zwam kan het hout zeer snel vernietigen, wanneer schimmels gelegenheid hebben door duisternis, matige temperatuur en vocht, zich sterk uit te breiden. Zon en frisse lucht en een goed onderhoud zijn als bij zovele zaken de beste heelmeesters voor deze kwaal.

Paalworm is een boormossel, die voor hout in zeewate;- de gevaarlijkste vijand is en door het teren van hout zoveel mogelijk geweerd wordt.

Men tracht tegenwoordig stoffen in het hout te doen dringen, die giftig zijn voor schimmels, bacteriën en diverse dierlijke vijanden. Men gebruikt hiervoor kreosootolie, sublimaat en andere sterk ontsmettende middelen. Dit „tegen het bederf vrijwaren" is duur en moet op het hout toegepast worden voor het tot meubels verwerkt wordt.

Voor waterwerken, telegraaf en telefoonpalen wordt het wel gedaan, maar voor andere zaken vindt het nog maar heel weinig toepassing.

In Indië knagen de witte mieren het hout kapot, maar onze stamverwante mieren hebben gelukkig geen vat op het hout.

Wanneer ge in één meubelstuk houtworm hebt, kijk dan ook alle andere grondig na en wrijf ze desnoods met petroleum in. Voorkomen is beter dan genezen! E. J. BRUINS.