is toegevoegd aan je favorieten.

De proletarische vrouw; blad voor arbeidsters en arbeidersvrouwen, jrg 34, 1939, no 1221, 08-02-1939

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Daar ben ik geboren en daar hoor ik thuis. Indien al deze vreselijke gebeurtenissen niet plaats hadden gehad, zou ik er immers nu al rondvliegen." „Wilt u tenminste niet tot morgenochtend wachten?" vroeg de huiskrekel. „Ik zou er prijs op stellen, dat u kennis maakte met mijn huisgenoten. U deed ons daarnet dodelijk schrikken, toen wij bezig waren een betoging tegen de mensen te houden. Ze zullen 't erg prettig vinden u hier te zien, u heeft immers ook een of ander om over te klagen."

„Ik wil eruit," zei de houtwesp. „Nu, — elk diertje zijn pleziertje," zei de huiskrekel. „Daarginds staat een raam op een kiertje, de rest moet u zelf maar vinden. Goedendag en wel bedankt voor de geschiedenis. Het zal me een waar genoegen zijn een van uw kinderen of kleinkinderen eens in een tafel of stoel te mogen begroeten."

Er uit vloog de houtwesp.

De krekel zat nog lang te spelen. Op de tafel lag de vrolijke vlieg op de rug te rollen en hield haar dikke buik met alle zes poten vast — dermate schudde zij van het lachten. Ze had zich achter een glazen schaal verstopt, toen de andere voor de spin op de loop gingen en had alles gehoord.

Ons tekenhoekje

Hier behoef ik niet veel bij te vertellen: zo'n lange stal kan je w^l tekenen. Hoe je de koeienkoppen maakt, wijst de tekening aan. Jullie maakt ze natuurlijk allemaal af.

Zet er ook maar een paar roodbonte beesten bij, en je geeft ze allemaal hooi of knolletjes in de voergreppel. Je kunt de stal zo lang maken als je wilt. Of, als je een heel rijke boer wilt worden, laat je Broer, Zus, Vader en Moeder ook zo'n stal tekenen en je plakt al die stallen aan elkaar.

Veel pleizier er mee. „ „

V. Zi.

RAADSELS

1) Wat is klaar en moet toch elke dag gemaakt worden?

2) Wat gebruikt men van het vuilste dier om schoon te maken?

3) Wat ligt altijd in het nat en vergaat toch niet?

4) Wie heeft zes benen en gaat toch met vier?

BIJBLAD VAN „DE PROLETARISCHE VROUW" VAN 8 FEBRUARI 1939 No 1220 DERTIGSTE JAARGANG No. 1101 VAN „ONS KINDERBLAADJE».TÉRSCHUNT' ELKE WOENSDAG. RED.-ADRES: FRANS VAN MIERISSTRAAT 108 1, AMSTERDAM.

JDe onbewoonde Kenners

DOOR CARL EWAT.fi (Slot).

„Ja," zei de bromvlieg, „en bijvoorbeeld nu ze uit de stad zijn, is overal alles geblazen! Denk je, dat er ook maar een restje vlees in e provisiekast is achtergelaten?" „Er is noch meel, noch stijfsel te Zei" d? sulkerSast- »De kaasmijten zijn gisteren allemaal ze^de vLo n' "D6 laatste sPektor overleed hedenochtend,"

W8l''.> Z6i de bromvlie&- ..En nu zal ik jullie zeggen, wie uld hiervan is. Dat is Stien. Toen het vorige meisje hier diende was alles veel beter Maar Stien moet als een echt varken overal haar neus in steken, waar 't vuil is. Zij is 't die alles zo akelig schoon houdt zy vernist de vloeren, zij pepert de meubelen in en zij klopt Zaterdags boeken uit. Zij maakt de tabaksdoos schoon en boent ieder bord in

e.n Provisiekast zo, dat een arme bromvlieg van honger en verdriet dood moet gaan."

„Ik ga mijn eieren in haar mantel leggen", zei de mot. „En ik de

mijne in naar psalmboek", zei het diefje. „En ik haar steken, tot haar hele lichaam dubbel zo dik wordt als nu," zei de vlo. „En zal haar 's nachts plagen, zodat zij de slaap niet kan vatten," zei de vlieg.

Plotseling klonk er een grove stem van het plafond: „Stien is een monster! Weg met Stien!"

Ze keken alle naar boven en stoven ineens met een i azende vaart uit elkaar. Van de zoldering kwam een reusachtige grijze spin aan een draad naar beneden glijden. Zij ging op tafel zitten en keek verwonderd rond. Geen levende ziel was er te be¬

kennen. De huiskrekel speelde zacht en blijmoedig op zijn viool.

„Waar is Stien?" vroeg de spin. „Zij is weg," antwoordde de huiskrekel. „Wie ben jij?" vroeg de spin. „Ik ben de huiskrekel." „Waarom gingen de andere op de loop?" „Ze waren bang, dat je ze op zou eten." „Kom eruit, dan zal ik jou opeten." „Neen, dank je", zei de huiskrekel. „Bovendien ben ik je waarschijnlijk te groot."