is toegevoegd aan uw favorieten.

De proletarische vrouw; blad voor arbeidsters en arbeidersvrouwen, jrg 34, 1940, no 1269, 01-01-1940

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE KAART VAN EUROPA

zoals zij nu is')

Toen wij als kinderen op de schoolbanken zaten, moesten wij in de aardrijkskunde-les meermalen met de stok de landen, de steden, de rivieren aanwijzen. Laten wij het nog eens doen — met andere gevoelens, met andere motieven.

Vanzelf gaat onze stok naar het Noorden en blijft staan op Finland, waar nu een vreselijke oorlog woedt. Waar Rusland tracht zijn invloed over Finland te herwinnen, om dat democratische land tot zijn macht-begerig communisme te brengen. Van Helsinki, de hoofdstad in het zuiden van Finland, hebben we gelezen; we weten, welke verschrikkingen daar zijn doorgemaakt. We lezen ook van de vreselijke koude — 40 graden vorst, — waardoor de bevolking en vooral de indringers onzegbaar lijden, en waardoor zelfs grote aantallen Russen doodvroren.

Voor Rusland zelf, het grote Sovjetrijk, waar Stalin regeert (Stalin, die Hitler's vriend werd), behoeven wij de stok maar even te verplaatsen. Toen dachten velen, dat na 1917 van Rusland stralende gemeenschapszin zou uitgaan, dat het een begin van de socialistische broederschap zou brengen. Hoe hebben die velen zich vergist! Nu streeft de regering door ijs en bloed naar dezelfde doeleinden als haar vroegere doodsvijanden.

Brengen wij de stok vanuit Finland naar links, dan liggen daar de Scandinavische landen: Noorwegen en Zweden aaneen en het kleine Denemarken iets naar beneden.

Is het wonder, dat daar de Russische aanval met ongerustheid wordt gadegeslagen? Het is niet alleen sympathie voor Finland, die hiertoe aanleiding geeft, hun beweegt ook de vraag, of Rusland's machtshonger óók geen grenzen zal kennen — • en zij zijn zo dichtbij ...

En daar is Nederland zelf — klein, maar in veel opzichten belangrijk, niet het minst wat zijn cultuur betreft — Nederland en België. Beide met hun gemobiliseerde verdedigingsmacht en de andere moeilijkheden, die door de oorlogstoestand zijn ontstaan.

Aan beide zijden, rechts en links, wijst onze stok de grote landen aan, die elkaar sedert begin September 1939 beoorlogen: Duitsland aan de ene, Engeland en Frankrijk tezamen aan de andere kant; Engeland links in het westen. Frankrijk aan de zuidzijde. Maar het

') Deze kaart werd volgens de laatste gegevens voor ,.De Proletarische Vrouw" getekend. Hiermede is aan een verzoek voldaan. Wij raden aan de kaart uit te knippen en op te plakken. é

zijn de zeeën, die tot nog toe in deze oorlog de meeste slachtoffers vroegen; hoeveel oorlogsschepen en hoeveel handels- en passagiersboten zijn daar in deze vier maanden getorpedeerd, op mijnen gelopen: in de Noordzee, de Atlantische Oceaan, de Oostzee...

Als wij onze stok laten zakken naar het zuiden van Europa, dan gaan wij Franco's Spanje maar stilzwijgend voorbij; wij weten, hoe daar gestreden en geleden is.

Even geven wij onze aandacht aan die reeks kleine Europese staten, helemaal naar rechts, die men tezamen de Balkan noemt. Wij gedenken ook het ontzettend gebeuren, dat in Turkije tiendui¬

zenden door natuurrampen — aardbevingen en overstromingen — deed omkomen.

Dan blijft onze stok staan op Italië, de dictatuurstaat, die wij tot voor kort als Duitsland's bondgenoot beschouwden. Maar waarover wij nu weer in twijfel staan. Zou het iets betekenen, dat de Paus zich in het bijzonder tot Italië's koning wendde? Zou er iets waar zijn van samenwerking om „een duurzame en rechtmatige vrede" te verkrijgen? We lazen zelfs iets over de Verenigde Staten van Amerika (President Roosevelt), die met hen hetzelfde zou nastreven.

Maar wie weet tegenwoordig precies, wat waar en wat niet waar is. En is ook het begrip „duurzame en rechtmatige vrede" niet voor verschillende uitleg vatbaar?

Wat wij niet vinden.

Dan zwerft onze stok eerst langs het kleine Zwitserland, dan weer rechts naar Hongarije, maar wij vinden niet meer. wat er kort geleden nog wel was.

Wij vinden geen Polen meer, geen Oostenrijk, geen Tsjecho-Slowakije. Zij zijn weg, zij zijn opgelost in de grote rijken — Duitsland en Rusland — die hen opslokten. Het woord „Slowakije" staat er nog wel, maar de ruitjes zijn gelijk aan die van Duitsland. Want het zogenaamde Protectoraat Slowakije is niet veel meer dan een naam om straks

wellicht te verdwijnen: De Duitse invloed overheerst, de Duitse macht heeft tenslotte het beschikkingsrecht.

Nederland.

Vanzelf richt onze hand de stok nog eens naar het kleine land, waar wij allen zelf wonen. Waar wij hopen en vrezen, dat 't dit jaar beter zal gaan met het geteisterde Europa.

Waar wij werken en strijden ieder op onze manier, in eigen omgeving alleen, of ook daar buiten.

Waar wij allen de grote moeilijkheden van de mobilisatie hebben te dragen, van de duurte, van de distributie. En waar wij tezamen onze kracht willen geven om 'n betere tijd voor te bereiden, en om ons zulk 'n tijd waardig te maken. Want dat is de taak van het gehele volk, dus van ons!

„Toert Tsjecho-Slowakije nog vrij was

Zo luidde het opschrift onder de titelplaat in de Prol. Vrouw van 3 Mei 1939. die ik nog eens doorlas.

En toen kwam mij de gestalte voor ogen van de leidster der Tjechoslowaakss socialistische vrouwen, toen ze als afgevaardigde op het congres der Belgische vrouwen in Juli 1938 te Brussel het woord kreeg.

De Zondagmiddag van het congres was bestemd als een internationale manifestatie.

Daar waren aanwezig de afgevaardigden van de Letlandse, Tsjechoslowaakse, de Spaanse en de Franse socialistische vrouwen.

Pge. Spaak, moeder van den minister en lid der Senaat, was voorzitster der bijeenkomst en haar toespraak tot de partijgenoten uit den vreemde was ontroerend. Zij wees op de moeilijke tijd die Tsjechoslowakije doormaakte, door de bedreiging van Duitsland en ook haar woorden gericht tot de Spaanse vriendinnen, drongen diep in het gemoed der aanwezigen door.

Hierna sprak de Tsjechische afgevaardigde.

Aan haar in het Duits gesproken hartstochtelijk betoog, waarin ze wees welk een groot aandeel de socialistische vrouwen in de strijd hadden en die vóór de dagen van München zo geweldig was, zullen nog velen denken.

En ook aan de Spaanse partijgenote, een bejaarde vrouw, advocate en lid van het parlement tijdens de republikeinse regering, die op zo een eenvoudige wijze van het leed en de strijd der Spaanse vrouwen tegen Franco vertelde.

Daarna de Letlandse, die met trots er op wees, hoe door de hulp der soc. vrouwen verschillende reactionnaire pogingen der regering werden verhinderd.

Onvergetelijk was de indruk van deze middag.

En thans, waar zijn ze nu, deze vrouwen? Spanje in handen van Franco,