is toegevoegd aan je favorieten.

Vrouw en gemeenschap; maandblad van de Nederlandsche Vereeniging voor Vrouwenbelangen en Gelijk Staatsburgerschap, jrg 6, 1935-1936, no 8, 01-01-1936

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

O.B.E. (Orde van het Britsche Rijk). Gedurende drie jaar maakt zij reeds deel uit van de Engelsche delegatie naar den Volkenbond.

Dat leden van dezelfde familie hun krachten schenken aan de politiek, komt in Holland niet vaak voor. Bij deze verkiezing heeft men echter broeder en zuster een plaats bezorgd op de banken der Afgevaardigden. Miss Thelma Cazalet zal het district East Islington, haar broeder Victor dat van Chippenham vertegenwoordigen. Reeds in 1931 poogde Miss Cavalet, doch toen te vergeefs, een zetel te bemachtigen. Enkele maanden later, bij de Algemeene Verkiezingen, was zij echter gelukkiger, zoodat zij reeds sinds 1931 zitting heeft. Bovendien is zij zeer goed thuis in gemeentezaken, daar zij reeds 1925 zitting heeft in den Londenschen Gemeenteraad. Maar misschien dankt zij niet het geringste deel van haar populariteit aan het feit, dat zij niet alleen in de poütieke arena, doch ook op het tennisveld een zeer goed figuur maakt.

Hoewel drie echtparen getracht hebben de echtelijke saamhoorigheid tot aan de parlementszetels uit te brengen, zijn slechts twee der mannelijke echtgenooten zoo gelukkig geweest tot het Huis van Afgevaardigden door te dringen, terwijl van het derde echtpaar zoowel man als vrouw geslagen werden. Nog twee andere vrouwen verwierven Parlementszetels. Het zijn de dames Mrs. H. B. Tate en Miss Irene Ward. De laatste versloeg de vroegere Minister van Arbeid, Margaret Bondfield, wat haar ook reeds in 1931 gelukt was. Ook Miss Ward stelt zeer veel belang in sociale zaken.

Velen van onze vrouwelijke landgenooten zullen met teleurstelling vernemen, dat Mrs Corbett Ashby (Liberaal), de internationale voorzitster van de Woman's Suffrage Alliance, het niet tot een parlementszetel heeft gebracht. Men zou juist haar, die ook een omvangrijk programma voor de verdediging van de belangen der vrouw heeft opgemaakt, zoo gaarne te Westminster gezien hebben.

Beschouwen we het resultaat dezer verkiezingen thans wat meer algemeen, dan blijkt, dat het aantal candidaten, dat in 1929 nog 70 bedragen heeft, thans slechts 66 was.

Maar vormen bij ons te lande nog altijd het aantal vrouwelijke afgevaardigden een 5% io Engeland bedraagt dit thans niet meer dan slechts iVa %, zoodat ons land nog betrekkelijk gunstig in dit opzicht tegenover Engeland afsteekt.

Maar wel blijkt bij deze verkiezing al heel sterk, dat de aantrekkingskracht van de mannelijke candidaten op de vrouwelijke kiezers veel grooter is, dan die van haar eigen sexe-genooten. Wat verwondering mag baren in een tijd, waarin juist voor de vrouw zulke groote belangen op het spel staan. Matty Vigelius.

MEVROUW JOLIOT-CURIE, NOBELPRIJS VOOR SCHEIKUNDE,

en de aanneming vanjiet amendement Suring.

Onderstaande verklaring van Mevrouw Joliot, geschreven nadat haar den Nobelprijs was toegekend, werd voorgelezen op een groote propaganda-bijeenkomst voor het recht der vrouw op arbeid, te Parijs, waarvan zij het eere-presidentschap aanvaard had.

„Op dit oogenblik worden in alle landen aanvallen gericht tegen het meest waardevolle recht der vrouw, het recht op arbeid, zonder welk recht er geen persoonlijke vrijheid bestaat.

Toen Pierre Curie in 1904 professor aan de Sorbonne werd, werd aan Mevrouw Curie de post van hoofd-assistente bij zijn laboratorium aangeboden. Mijn Moeder,

EDITH SCHLESINGER, AMSTERDAM beethovenstraat 48 tel. 29452 ffloderne Kunstfoto's