is toegevoegd aan uw favorieten.

Maandblad van de Vereeniging voor vrouwenrechten in Nederlandsch-Indië, jrg 5, 1931, no 7, 01-01-1931

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

5e Jaargang

MEI 1931

No. 7

MAANDBLAD VAN DE VEREENIGING VOOR

VROUWENRECHTEN

IN NEDERLANDSCH-INDIË

EERE-LID MEVR. M. STIBBE-KNOCH HOOFDBESTUUR:

* Mevr. S. van Overveldt-Biekart, wd. Pres., Sf. Gemoe, Kendal. * Mevr. H. Kluit-Kelder, vice Pres. Julianaweg 6, Batavia-Ctr. Mevr. C. Prins-Hissink, Secr., Kramat 71, Bat.-Ctr. Mej. W.

Wegener, 2e Secr. Hotel „Schomper'' Batavia-Ctr. R. Ajoe Santoso, Koedoes. R. Adjeng Mirjam.

Bat.-Ctr. Mej. M. Sassin.

* Leden Red.-Commissie : Het auteursrecht voor deze aflevering wordt voorbehouden.

Adresveranderingen algemeene Leden op te geven aan Mej. W. Wegener, Hotel Schomper, Batavia-Centrum. Correspondentie-adressen: Mevr. S. v. OverveldtBiekart, Suikerfabriek Gemoe, Kendal. Mevr. C. PrinsHissink, Kramat 71, Batavia-Weltevreden.

PRIJS PER ADVERTENTIE ƒ 4.— per % bladzijde BIJ JAAR-ABONNEMENT 10%, en bij HALF-JAARLIJKSCH ABONNEMENT 5% korting LEDEN ontvangen het MAANDBLAD GRATIS. ABONNEMENTSPRIJS voor niet-leden ƒ 3.—p. jaar.

INHOUD:

Afdeelingen. Notulen. Geneeskundig Onderzoek vóór het Huwelijk. De vrouw door de eewen heen. De ongehuwde arbeidende Vrouw en de 3% aftrek. Vrouwen-Werelbond voor den Vrede. Vlugschriftje v/h. Comité voor Hervorming onzer Huwelijkswetten. Vraagbaak voor Belastingbetalers en Juridische Rubriek.

AFDEELINGEN.

Correspondentie en Adresveranderingen te zenden aan:

Afdeelinq Batavia: Mevr. Da toe Toemenggoeng, Zuiderweg 12, Mr. Cornelis.

Soerabaja: Mevr. H. Soesman—Dufour, Pynackerstraat 4, Soerabaja.

Af deeling Semarang: Mevr. Thijssen, Villapark 18, Semarang.

Bandoeng: Mevr. H. Bertram—Jacobson, Nassaulaan 38, Bandoeng.

NOTULEN

van de Algemeene Jaarvergadering der Vereeniging voor Vrouwenrechten in NederIandsch-Indië gehouden op 26 Maart 1931, Batavia.

(Vervolg)

Presidente stelt voor bij acclamatie de verkiezing dezer nieuwe leden goed te keuren, waartegen de heer Quix protesteert omdat hij de wettigheid hiervan betwijfelt. Op een vraag, uit hoeveel leden het Hoofdbestuur dan zal bestaan, antwoordt Presidente, dat de dames Timmerman—de Stuers en Sassin volgens mondelinge mededeeling uit het Hoofdbestuur wenschten te treden, maar hiervan nog niet schriftelijk hadden kennisgegeven, zoodat het Hoofdbestuur waarschijnlijk dan uit 6 a 7 leden zal bestaan.

De heer Quix spreekt thans over de allesbehalve schitterende toestanden in de krankzinnigen-ge¬

stichten. Ofschoon de 8-urige werkdag van het verplegend personeel door den heer Apituley reeds in den Volksraad werd behandeld, is er nog lang geen uniforme regeling voor de verschillende gestichten, en wordt er veel te veel gevergd van het verplegend personeel. Dit klemt te meer, omdat, door de geïsoleerde ligging der meeste gestichten de verpleegsters en verplegers nooit of veel te weinig uit de spheer der krankzinnigen komen en heel velen eindigen met zelf zenuwpatiënt te worden. De heer Quix noemt cijfers van het aantal verpleegsters ten opzichte van het aantal verpleegden, die zeer ongunstig zijn, en bepleit het instellen van eene commissie, uitgaande van de Vereeniging voor Vrouwenrechten om een onderzoek in te stellen naar de toestanden in de krankzinnigen-gestichten en dit onderzoek zoo mogelijk ook uit te breiden tot de doorgangshuizen en ziekeninrichtingen. Er ontstaat een zeer levendige discussie waarbij Mevrouw Verbunt o.a. voorbeelden geeft, hoe ook in Holland, ondanks de verplichte 8-urige werkdag de toestand in de kleine ziekeninrichtingen nog weinig ideaal is, omdat het bij een klein personeel onmogelijk is aan de 8-uren werkdag vast te houden en b.v. de hoofdverpleegster bij plotselinge spoedgevallen altijd klaar moet staan.

De presidente deelt mede, in het maandblad reeds een brief te hebben behandeld, die zij ontving uit Bandoeng, waarin geprotesteerd werd tegen het feit dat voor een hoofdverpleegster geen andere vóóropleiding werd geëischt dan de lagere school.

Ofschoon presidente uit principe meestal niet op anonieme brieven ingaat, heeft zij dit keer daarop een uitzondering gemaakt en dezen brief in het maandblad beantwoord, maar niets meer van de anonieme schrijfster gehoord.

Na eene geanimeerde discussie wordt besloten een commissie te benoemen ten einde een onderzoek in te stellen naar de werktijden zoowel van Europeesch als Inheemsch personeel bestaande uit de