is toegevoegd aan je favorieten.

Maandblad van de Vereeniging voor vrouwenrechten in Nederlandsch-Indië, jrg 9, 1934-1935, no 12, 01-11-1935

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Al is dit verschijnsel hier zeer sterk uitgesproken, aldus schrijft Mej. Gunning, het is niet specifiek Indisch of specifiek een vrucht van Mohammedaansohe invloed. De Wereldbond van Qhr. Jonge Vrouwen Vereenigingen heeft het overal in de wereld ontmoet.

Gedurende welhaast driekwart eeuw (dit jaar viert de Y. W. C. A. in Engeland haar 80ste verjaardag) heeft zij zidh toegelegd op het geven van tegenwicht aan die remmende passiviteit, die waarlijk niet alleen het eigen vrouwenleven kleurloos, vreugdeloos en inhoudloos maakt, maar de heele maatschappij berooft van de bezielende invloed, die van zelfstandige, bewuste vrouwen, moeders en echtgenooten kan uitgaan.

Het onderwijs kan hier veel doen, maar niet alles, vooral het vereenigingswerk en het clubleven zal mede kunnen helpen aan de vrijmaking en persoonlijkheidsvorming van de meisjes en jonge vrouwen.

(Maar vooral zal er ook door deze meer ontwikkelde vrouwen gewerkt moeten worden om een betere positie voor de vrouw in de maatschappij te verkrijgen, zoodat zij niet meer verzinken kan in haar passieve houding en zich van meet af aan haar positie als vrij, zelfstandig staatsburgeres bewust is en daardoor zich ook gevoelen kan een persoonlijkheid, die haar eigen plaats in het wereldbestel en de samenleving heeft te vervullen. Red,.).

De Christen Jonge Vrouwen Federatie begon haar werk hier in Indië met jeugdwerk, speciaal voor de meisjes. Reeds in 1930 verscheen een Leidstersblad. dat later omgedoopt werd in „Op Weg" en dat thans in zijn 6e jaargang is.

In 1931 werd het eerste kamp gehouden met werkende meisjes, waaruit spoedig de Christen Jonge Vrouwen Vereeniging te Batavia ontstond.

Sindsdien is er elk jaar een dergelijk kamp gehouden en de groei van zelfstandig vereenigingsleven in Batavia en elders houdt nauw verband met deze kampen.

In 1932 werd de eerste Leidsters^ conferentie gehouden, waarop jonge menschen van geheel Java tegenwoordig waren.

In 1933 bezocht de Presidente van den Wereldbond van Christen Jonge Vrouwen Vereenigingen, Jonkvrouwe

van Asch van Wijck, Indië en nam deel aan de tweede Leidsters-conferentie.

De 3e., in 1935 gehouden, Leidstersconferentie, met 34 deelneemsters uit heel Java, toonde, dat men onmiskenbaar vooruitgaat en vooruit gegaan is. Dit was niet alleen merkbaar aan het aantal deelneemsters, maar vooral ook aan den geest, waarin de besprekingen gehouden werden.

Aan het eind van haar artikel schrijft Mejuffrouw Gunning :

„Ik ben mij bewust, met deze enkele gegevens niet anders dan de buitenkant te laten zien.

De binnenkant is moeilijk te toonen.

In een kleine plaats waar weinig vertier is, zal 't nooit moeilijk zijn eenige vorm van vereeniging in 't leven te roepen. In grootere plaatsen met bioscoop en velerlei andere afleiding stellen de jonge meisjes zwaardere eisdhen aan haar, die hen in een vereeniging wil bijeenbrengen en bijeenhouden.

Dodh in beide gevallen gaat het er tenslotte om, dat de leidster iets in hen wekt, hen wakker roept en laat gelooven in een taak, die zij bereid zijn te aanvaarden.

Hoe dit te doen ?

Hoe dit te doen juist hier, waar de jeugd zoo sterk staat onder de remmende invloed van het fatalisme, dat verantwoordelijkheidsgevoel doodt.

Hoe dit te doen juist nu, nu de uit haar ondergeschiktheid vrijkomende meisjes soms geen rem meer kennen en zich een vrijheid aanmatigen, waartoe zij geenszins nog de innerlijke kracht bezitten.

Wij hebben op al deze vragen nog geen antwoord. Wel ondervonden wij op onze kampen steeds, dat de buitenlucht en het vrije samenzijn bevrijdend werkt, zielevensters openzet en nieuwe perspectieven opent, zooals op welhaast geen andere wijze mogelijk is.

Wel ondervonden wij, dat de ongedwongen omgang met anderen van gelijken leeftijd, de echte vriendschappelijke sfeer in het kamp voor bijna allen een nieuwe levensrijkdom en nieuwe levensmogelijkheden beteekent. En