is toegevoegd aan uw favorieten.

Maandblad van de Vereeniging voor vrouwenrechten in Nederlandsch-Indië, jrg 10, 1936, no 4, 01-04-1936

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van Mevr. van der Spek gevormd door de dames:

S. van Overveldt-Biekart, H. KluitKelder en D. Hartelust-Boonzaiër.

Na haar terugkomst werd Mevr. van der Spek weer in de commissie opgenomen.

Voor de afdelingen Batavia en Bandoeng werden enige lezingen georganiseerd.

In 't afgelopen jaar is onze Vereniging lid geworden van de Nationale Vrouwenraad, die op initiatief van onze Vereniging, een voorstel zal behandelen om de Volkenbond medewerking te verzoeken, ten einde de verschillende koloniale mogendheden te interesseren voor 't werk der koloniale scholen voor onderricht aan Europese jonge vrouwen, die naar de tropen vertrekken.

Het Hoofdbestuur vergaderde in 't afgelopen verslagjaar 7 maal; de vergaderingen hadden alle een vlot verloop.

Een woord van dank is hier zeer zeker op zijn plaats aan alle bestuursleden, van wie ook weer dit jaar veel geëist werd, om 't verenigingsleven gaande te houden.

Tot slot van dit verslag zy de wens uitgesproken, dat de Vereniging voor Vrouwenrechten, gesteund door haar trouwe leden, deze moeilijke tijdsomstandigheden te boven zal komen en tot bloei zal geraken, zodat eens haar doel bereikt zal zijn: publiekrechtelijke gelijkstelling van de vrouwen in Nederlands-Indië met de mannelijke ingezetenen van dit land.

S. A. DE HAAN Secr.

NOTULEN

van de Algemene Jaarvergadering van de Vereniging voor Vrouwenrechten, gehouden te Batavia op 18 Maart 1936 in 't gebouw der Theosofische Loge, Koningsplein.

Aanwezig zijn behalve de leden van 't Hoofdbestuur, afgevaardigden van de afdelingen Batavia en Bandoeng.

De presidente, Mevr. van der Spekvan Santen opent circa kwart voor negen de vergadering met een gloedvolle rede, welke men, zoals gebruikelijk, in 't Maandblad afgedrukt zal vinden.

Vervolgens worden de ingekomen stukken in behandeling genomen. Er is slechts één ingekomen stuk en wel van de afdeling Semarang, waarin de afdeling aan Mevr. Kluit verzoekt te willen optreden als afgevaardigde van genoemde afdeling. Mevr. KluitKelder verklaart zich hiertoe bereid.

De vergadering acht 't niet noodzakelijk een commissie voor stemopname te benoemen.

De notulen van de vorige jaarvergadering worden hierna voorgelezen en in orde 'bevonden.

Vervolgens leest de secretaresse 't jaarverslag voor.

Daarna is 't financieel jaarverslag, voorgelezen door Mevr. HartelustBoonzaiër aan de orde. De VerificatieCommissie voor 't nazien der boeken, bestaande uit de dames Kluit-Kelder en Verbunt-de Lagh, velrklaart, dat deze in orde zijn bevonden.

Voorts leest Mevr. Hartelust-Boonzaiër een overzicht voor over de financiën in de afgelopen drie jaar.

Een copie van dit verslag zal gezonden worden aan de afdeelingsbesturen en belangstellende leden.

Voor 't nazien der boeken van 't volgend Verenigingsjaar worden aangezocht de dames Kluit-Kelder en Verbunt-de Lagh, die deze benoeming aanvaarden.

Voor 't nazien der notulen van deze jaarvergadering worden aangezocht Mej. Ploegman en Mevr. Verbunt-de Lagh.

Vervolgens wordt ter sprake gebracht, artikel 16 aan te vullen. Dit artikel luidt: Het lidmaatschap der vereniging bedraagt minstens ƒ 5.— per jaar. De voorgestelde aanvulling wordt aangenomen, zodat artikel 16 aldus wordt: Het lidmaatschap der vereniging bedraagt minstens ƒ 5.— per jaar en ƒ 2.50 voor leden, die na 1 Juli van dat jaar lid worden.

Vervolgens zijn de verkiezingen van enige leden van 't Hoofdbestuur aan de beurt.

Zoals reeds in 't Maandblad afgekondigd werd, treedt Mevr. HartelustBoonzaiër af volgens rooster, maar stelt zich gelukkig herkiesbaar.

Mevr. Kluit-Kelder, reeds geassumeerd lid van 't Hoofdbestuur geweest, wordt gekozen tot vice-presidente.

Mevr. Timmermann-Renssen, afgevaardigde van de afdeling Bandoeng,