is toegevoegd aan je favorieten.

Maandblad van de Nederlandsch-Indische vereeniging voor vrouwenbelangen en gelijk staatsburgerschap, jrg 9, 1937, no 12, 01-12-1937

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

grens, ten opzichte van het inkomen van den man, pleitte Mevrouw Kluit voor het in overweging nemen door de Regeering van het toekennen van het kiesrecht tenminste aan de Europeesche vrouw voor de verkiezingen van 1938.

Ook zelfs hiervoor was, naar het oordeel van Z. E., de tijd van voorbereiding te kort.

Na nog eenige gedachtenwisseling over de wenschelijkheid in de praktijk van het leven van het kiesrecht voor de vrouw, de achteruitstelling van de Europeesche vrouw, die in Nederland reeds het kiesrecht heeft en hier te lande alle medezeggingschap mist, de belangstelling, die er van de zijde der vrouwen voor allerlei sociaal werk gevoeld wordt, hetgeen zich nu nog slechts uiten kan in particuliere vereenigingen en het vele en goede werk, dat er door vrouwen in Indië verricht wordt, zooals door den Landvoogd op Zijn jongste reizen met zeer veel belangstelling en instemming is opgemerkt, sprak onze Presidente de hoop en den wensch uit, dat de vrouw in Indië op den steun van de Regeering zal mogen rekenen, om het daarheen te leiden, dat zoo spoedig mogelijk het actief kiesrecht voor de vrouw wordt ingevoerd.

*

# *

Eenig commentaar meenen wij bij het bovenstaande niet achterwege te mogen laten.

Uit hel geen de Landvoogd ons ter audiëntie mededeelde, meenen wij te mogen concludeeren, dat de Regeering van oordeel is, dat invoering van het actief kiesrecht voorloopig alléén voor de Europeesche vrouw niet wel mogelijk is.

Zou dit standpunt berusten op de overweging, dat hierin een bevoorrechting van de Europeesche vrouw zou kunnen worden gezien, dan meenen wij het volgende daartegenover te mogen stellen.

De Inheemsche vrouwen, die met ons de behoefte aan het verkrijgen van het actief kiesrecht gevoelen, zullen eiken stap. die de vrouw nader tot dit doel brengt, moeten toejuichen.

De administratieve moeilijkheden, verbonden aan het op de kiezerslijsten brengen van de vrouwelijke kiezers zijn, bij gebreke van een Burgerlijken

Stand voor de Inheemsche bevolking, voor deze groep veel grooter. Daarom zijn wij de overtuiging toegedaan, dat de Inheemsche vrouw ten volle zal instemmen met de voorloopige verleening van het actief kiesrecht aan die groep, waarvoor de praktische moeilijkheden in zooveel mindere mate bestaan. n.1. aan de Europeesche vrouwen. De Inheemsche vrouw zal door de toekenning van het kiesrecht aan de Europeesche vrouw bewaarheid zien, dat de Regeering niet principieel afwijzend staat tegenover actief vrouwenkiesrecht en zal begrijpen, dat ook zij uiteindelijk van dit standpunt zal profiteeren.

L. Hoogesteger-Camman.

NIEUWE SALARISREGELING VOOR HET ONDERWIJZEND PERSONEEL.

Er heeft een nieuwe ontwerp-salarisregeling voor mannelijke en vrouwelijke leerkrachten het licht gezien, waarin alle vrouwelijke — behoudens een enkele uitzondering — aangesteld worden als % leerkracht met een aanvangssalaris van ƒ 100.— en een eindsalaris van ƒ 200.— 's maands. De mannelijke leerkrachten worden als vol aangesteld met een begin-salaris van ƒ 125.— en een eindsalaris van ƒ 325.— 's maands. De Commissie voor Georganiseerd Overleg trachtte in de cijfers eenige verbetering te brengen door voor te stellen het salaris der dames te stellen op ƒ 125.— en ƒ 300.— en dat van de mannen op ƒ 150.— en ƒ 350.—. Voorts stelt de C.V.G.O. voor om één van de % leerkrachten op iedere school aan te stellen tot volle leerkracht teneinde het hoofd der school de gelegenheid te geven, naar behooren toezicht uit te oefenen in de verschillende klassen en den gang van zaken daarin beter te kunnen in oogenschouw nemen, wat het onderwijs ten goede zal komen. Tot zoover de Commissie voor Georganiseerd Overleg.

Ik waag het naar aanleiding van het laatste voorstel de vraag te stellen, of het geven van meer bewegingsvrijheid aan het hoofd der school niet aanleiding zal geven tot ongewenschte toestanden. Mij staat nl. nog versch in het geheugen de felle strijd, die in Holland gestreden werd tegen het ambulantisme