is toegevoegd aan uw favorieten.

Maandblad van de Nederlandsch-Indische vereeniging voor vrouwenbelangen en gelijk staatsburgerschap, jrg 11, 1939, no 10, 01-10-1939

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gaan beperken. Men noemde dit dan bescherming van het gezin.

Verschillende wettelijke maatregelen, die hiervan het gevolg waren, zullen U meer of minder bekend zijn: hier in Indië b.v. het ontslag der gehuwde of huwende onderwijzeres, ambtenares in het algemeen; in Nederland werden in 1904 de gehuwde vrouwen ontslagen bij de Posterijen en Telegrafie, in 1907 werd dit besluit ingetrokken; in 1924 werden bij Kon. Besl. de gehuwde ambtenaressen ontslagen. Sedert 1933 zijn in Nederland nog meer van deze maatregelen genomen, b.v. de wet Marchant (onderwijs), de wet tot betere verdeeling van den beschikbaren arbeid, enz. en dat terwijl het percentage der werkende vrouwen niet groot is in Nederland, slechts zes en een half procent, volgens de volkstelling van 1930 en als de landbouw niet meegerekend wordt, slechts 3 en een half. Op alle werkkrachten in totaal slechts 2% gehuwde vrouwen! En hierna is het wetsontwerp Romme gekomen, dat vele vrouwen de oogen geopend heeft voor de gevaren, die hierin voor de vrouw schuilen en waarheen men het eigenlijk voor haar bezig is te drijven, nl. zooveel mogelijk inkrimpen van werkgelegenheid. Vele zijn de protesten, die hier tegen zijn gekomen, maar hierover een volgende keer.

Het geldt hier een economische strijd en evenals bij alles nog steeds in deze wereld, geldt ook hier het recht van de sterkste. Men zoekt een plausibele reden, ook in dit geval, om dit recht te handhaven. „De bescherming van het gezin" zal bij velen weerklank vinden, wien het misschien ontgaan zal, dat deze bescherming zeer eenzijdig is.

Intusschen hebben deze maatregelen tegen het verrichten van arbeid buitenshuis door de gehuwde vrouw, zeer verstrekkende gevolgen, ook voor de ongehuwde vrouw, die in haar eigen onderhoud en vaak ook nog in dat van familieleden moet voorzien. Want de geest, waaruit het willen beperken v. d. arbeid buitenshuis voor de gehuwde vrouw, geboren werd, laat zich in de praktijk niet loochenen: men wil de vrouw (ook de ongehuwde) zooveel mogelijk uitschakelen bij het verwerven van een bestaan in de maatschappij, om werkelooze mannen te kunnen helpen. Bevoorrechting dus van man

boven vrouw en werkloos maken van de een ten voordeele van den ander. Verschuiving van werkloosheid, geen vermindering.

Arbeid voor de gehuwde vrouw zal hierbij verboden zijn in: 1. onderneming, 2. op kantoren in de meest uitgebreide zin, 3. arbeid in inrichtingen tot het verplegen van zieken en in sociëteiten, 4. werkzaamheden in ondernemingen van landbouw (behoudens vele uitzonderingen) 5. wanneer schoonmaakarbeid plaats vindt in een kantoor of winkel, een school of een werkplaats.

De gehuwde vrouw mag blijven werken in vrije beroepen (dokter) advocaat, pianoleerares, huisnaaister, enz.), ook is het haar geoorloofd aan het hoofd van een onderneming te staan, dus in de niet door sociale maatregelen beschermde particuliere bedrijven mag de gehuwde vrouw blijven werken. Ook is dit het geval in het bedrijf of de onderneming, waar haar man aan het hoofd staat, alleen als de gehuwde vrouw als eenige of als de voornaamste kostwinner(ster) v. h. gezin moet worden beschouwd, mag zij blijven werken. Dit moet echter „ten genoegen van den Minister" kunnen worden aangetoond. De werkende gehuwde vrouw zal in het bezit moeten zijn van een door of namens den Minister afgegeven verklaring. Deze verklaring wordt telkens afgegeven voor een bepaalden termijn, zij kan bovendien tusschentijds door den Minister worden ingetrokken en vervalt zoodra de bovenbedoelde omstandigheden niet meer aanwezig zijn. Men begrijpt, dat de meeste werkgevers zullen terugschrikken voor het in dienst nemen van een werkkracht, waaraan dergelijke lastige beperkende bepalingen verbonden zijn. Een klein kiertje van een deur is voor de gehuwde werkende vrouw ook nog open gelaten, n.1. in gevallen, waarbij het bedrijfsbelang vordert, dat de vrouw blijf werken. Het goede van deze wet is, dat ze het tè bont maakt voor de vrouw, zoodat haar de oogen geopend worden voor hetgeen dreigt, niet alleen voor haarzelf, maar ook voor den man en het gezin.

Het is dan ook niet te verwonderen, dat er veel oppositie tegen dit wetsvoorstel is, waarover een volgende keer meer.